HET GRENSHOF I 6de Jaar. Nummer 8 (272) Zondag 22 Februari 1891. LIBERAAL WEEKBLAD VOOR Abonnementsprijs j 5 f',voor de stad- 5 fr 50 voor den buiten, PRIJS l'EIi NUMMER10 CENTIEMEN. voorop betaalbaar. Men abonneert zich: op alle postkantoren voor den buiten: voor de stad, ten kantore ran bet blad 10, Vooruitgangstraat 10, Aalst. HET ARRONDISSEMENT AALST. Prijs der AnnoncenGewone>15 centiemen Reklamen, 75 centiemen j per drukregel. Vonnissen op de dei de bladzijde, frank. Nee spe nee metu. Men maakt melding van elk werk waarvan een exemplaar aanjhet blad gezonden wordt. Handschriften worden niet terug gezonden. AALST, 21 FEBRUARI. Oproep aan de liberale jongelingen. Wij brengen ter kennis dat de lessen tot bereiding van 't kietexaam alle Zon dagen om 9 ure s morgens en des Don derdags om 8 ure s avonds, in bet lo kaal Concordia n zullen gegeven wor den. Wij hopen dat talrijke liberale jonge lingen het zich als eenen plicht zullen aanrekenen, die lessen te volge n om in t bezit van een diploma te geraken, dat hun toelaat hunne politieke rechten uit te oefenen. Biiitenlandsch politiële overziclit. Frankrijk. De ontbinding der ko ninklijke partijen neemt van dag tot dag toe. Kardinaal Lavigerie verklaart onbewimpeld dat het de weusch van Leo XIII is, dat de fr nsche katholieken zich onder de republiek scharen. De be warende partij heeft zich in twee aan elkander vijandelijke groepen verdeeld de eerste staat onder M. Piou en Mgr. Lavigerie, en steunt op den Paus de andere gehoorzaamt aan M. de Ilausson- ville en kardinaal Freppel. De eerste groep ziet dagelijks het aantal zijner aanhangers vermeerderen. Duitschland. De houding van M. Bis- mach verbittert al meer en meer de on- middelijke raadgevers en de omgeving van den Keizer. De oud-kanselier be schikt over verscheidene voorname dag bladen om op de hevigste wijze de han delingen van het nieuw bestuur te hekelen. Al de ontwerpen van het gouverne ment worden zonder genade bestreden en den keizer uitgemaakt als willende zijn persoonlijk politiek stellen in de piaats van dit der verantwoordelijke ministers. Volgens deze bla len gaat al les, sinds Bismarck's aftreden, buiten gewoon slecht. De toestand is zoo ge spannen dat men iu de hooge keizerlijke kringen van niet minder spreekt dan van strenge maatregelen te nemen om M. Bismarck op zijne plaats te zetten en hem het stilzwijgen op te leggen. Italië. Het nieuw kabinet, door M. de Rudini voorgezeten, heeft in de Ka mers lezing van zijn programma gege ven. Het voornaamste punt is de ver klaring van de belangrijke besparingen, welke het op de budj tten van oorlog, zeewezen en binnenland belooft te doen. Overal zal het Bestuur zich beijveren om de uitgaven met de algemeene in komsten des lands in overeenstemming te brengen en in de dringendste be hoeften der natie te voorzien. Ook zal het de betrekkingen tusschen Frankrijk en Italië op den vriendschap- pelijksten voet mogelijk zoeken te bren gen. Egypte. Oorlogstochten zijn hier op voorhanden, daar Engeland langs de kusten der Roode Zee een deel van de oude provincie van Soudan veroveren wil. Ie Tokar zullen de Egyptische tioepen het Soudaneesch leger, onder bevel van Osman Digma, ontmoeten en j slag leveren. De Vaderlanders. Wanneer men sin 's een paar weken den Moniteur beige gevolgd heeft, dan moet men willens of niet tot het be sluit komen, dat ergeene betere vader landers, geene trouwere ondersteuners ■van ons Vorstelijk Stamhuis zijn dan de klerikalen. Van alle zijden des lands zijn er tal- lijke adressen van rouwbeklag aan de Koninklijke Familie gezonden, doch de negen-tienden daarvan gaan uit van de klerikalen katholieke maatschappijen met dozijnen, geestelijken, kerkfabrie ken, ja zelfs nonnen en papenkloosters, inspecteurs en gemeenteonderwijzers, die na 1879 hunnen eed verraadden, private onderwijzers, enz., enz.; hebben een adres van deelneming naar Brussel willen sturen. Voeg daarbij de lijkdiensten en uit vaarten voor de zielerust van den over- loden prins Boudewijn, en gij zijt ver- plicht uit te roepen, dat er geene meer overtuigde steunpilaren van den Belgi schen troon zijn dan de katholieken. pent u Gij zult beginnen met den ivomng en eindigen met den minister.» Nog een andere dat de wilde vors- ten waar de mission narissen bijkwamen op hunne reizen, beter waren dan onze Konmg. In eene klerikale school werd de beel tenis des Konings uitgejouwd en met vuiligheid besmeerd In sommige kerken wilde de geeste- j ïjkheid geen Te Deum meer zingen. landelijk als bouquet, een paar woor den uit een pastoorssermoon God e< t zijne macht niet gegeven aan de oningen en keizers, waarvan de meeste slechts gekroonde zwijnen zijn Dit alles is onder eed door getuigen verklaard in het schoolenkwest, /ie. laar die fameuze vaderlanders Doch dit alles is vergeten bij onze te genstrevers sinds 1884 is ons België voor de papen een land van beloften geworden nu dragen ze den Koning m hun hart de schatkist staat immers voor hen open, en ze laten uiet na er mei hunne gekromde vingeren in te putten. over 1S eeuwen door den grooten Men- j schenvriend gepredikt, of wel de partij zoo niet de VLAAMSCHE ZEDENSCHETS. Ha, ik weet onderbrak Jooren lachend ■—dan heeft /ij zijne teederh-id met een kaak slag beantwoord. Marten Wolf is ook een ellen dige kerel Eu zulk één hadt gij voor uwe dochter uitgezocht Dat verwondeit mij. «Ja, ziet ge, we dachten: gelijken passen aan gelijken. Len rijk meisje moet geen armen man hebben en ook omgekeerd ook niet. Piet Overschelde en Marten Wolf waren goede boe ren met eigen hof en land. Wij meenden van beide dat is genoeg. De jonkman lachte weer, maar zijn lach klonk niet vrooliik; en weer trilde het rond zijnen mond als of hij een hoonend antwoord onderdrukte. Zoo ziet gij dat een groot hof en een goede zak geld toch den man niet maken die voor ffozalie geschikt is Ge kunt gelijk hebben, Jooren Sedert heb ik ook dikwijls gedacht, geld en goed zijn niet de hoofdzaak voor Rozalie, die meer bezit dan zenoodig heeft. Maar gij kent haar.'Zii heeft altijd haar eigen hoofd willen volgen. Sedert men haar zoo gelasterd heeft, is zij nog trot- scher geworden en ik geloof, ze zal veeleer ongetrouwd blijven dan eenen man te nemen die minder bezit dan zij. VI. Met den elleboog op de tafel en de hand onder de kin gestut, zat Jooren te dubben. De Wat zijn cle tijden veranderd 1 usschen 1879 en 1884 ging het er anders toe in bet kamp onzer tegenstre vers. Dan konden ze maar niet genoeg uitvinden om den Koning te beleedigen en te bonen. De geestelijkheid gaf den toon. Zoo vertelde men aan de eenvoudige lieden, dat koning Leopold II in 1869', Lij het overlijden van den kleinen erfprins leigend de band naar God opgestoken en uitgeroepen bad: Hemel ik zal mij wreken Eu zijne wraak was ge weest de onderteekening der wet van 1879. Een pastoor predikte dat de Koning een hondsvod, een geus was (loque et gueuxdien bij verachtte. Een ander riep op den preekstoel Twee maten. Meester Woeste is er weer al in gelukt een hulpgeld van 30,000 ballekens voor de lagere geestelijkheid uit de Staatskas te trommelen. ooi de gekruinde kiesdravers, nonnen en paters van alle kleur,is er altijd geld genoeg... een woordje van hen en het regent goudstuk ken in hunne geldkisten. Maar hoeveel kleine Staatsbedienden zijn er niet, die voor den slafelijksten arbeid niet genoeg betaald worden om behoorlijk in den onderhoud van. vrouw en kinders te voorzien Hoeveel briefdragers, tolbeambten, trein-en postbedienden worden er niet aangetroffen, welke voor een karig hongerloon zich afslaven moeten Die blijven vergeten, die mogen naar den weerlicht loepen, ja van hen durft men zegden dat zij h t vet genoeg hebben. M aarom zooveel voordeeenen, niets voor de anderen Zonder de gekruinde kiesdra vers zaten M oeste en Cio in de Kamers niet Maai hadden wij eens het algemeen stem recht, zeker zou t een ander liedje zijn en daarom juist zijn Woeste met zijne kliek, de nsschoppen met hunnen ganschen aanhang er tegen, want dan zouden het de geestelijken alleen niet meer >ijn, welke de kiezingen doen uitvallen, lijk zij het goed vinden. hesp en het brood, voor hem op de tafel staan de, üadhij nog met aangeraakt, en 'twas te vergeels dat ae boerin hein daartoe aanstuwde. Hebt gij uwe zuster al gezien?» vroeg zij na eene poos. J Neen, ze was met de kinderen naar de kerk maar ik heb mijnen zwager gesproken - antwoordde de jonkman... \lwe Zl]stef kunt gij toch niet verblij ven. Welnu, tot gij iets vindt, kunt gij altijd uwe kamer hier boven hebben. En 't zou mij plezier doen mdien gij weer ondermijn dak sliept en aan mijne tafel at. Ik dank u duizendmaalMaar ik weet reeds van iets, dat.G,°e? Z'jt gij' Van Zin? Vertel miJ Ik ben boer Gyselaer tegengekomen. Hij heelt dienstvolk te kort... i ''.Is dat Gyselaer vau bij <le grens onder- brak de boerin. Jawel. Hij komt altijd volk te kort Die zit op een zwaar gedoe en houdt nu eene paar- denstoetenj en hij wil mij een goed loon geven voor met zijne jenge paarden te rijden Ha, Gyselaer is rijk maar weet gij waar hij zijnen rijkdom gehaald heeft? Met te boeren heek hij hem met gewonnen... Zoo moet het wel waar zijn wat de menschen van hem zeg gen. En wat zeggen ze van boer Gyselaer 't Is 'ne smokkelaar, zeggen ze zoo fluis terde de boerin, terwi 1 ze 't hoofd naar Jooren boog. Er wordt verteld dat hij den Iaatsten winter meer dan honderd vaten spiritus en volle kisten allerlei koopgoed esmokkeld heeft Daarmee kan iemand rijk worden die geen geweten heeft en er niet aan denkt dat er ge- vangenhuizen zijn. Te Gyseiaers, jongen, daar is het uwe plaats niet. Ja, dat hij u geerne De vijanden van den werkman. De Werkliedenpartij heeft een mani fest tot de zes mijterdragers van Belo-ië gezonden om liuu advies te vragen in °de kwestie der herziening. Zij hebben willen weten of de bis schoppen in deze kwestie van <re- iij Gieid en broederlijkheid, reeds -ran hebben zou, geloof ik wel, want hij zou u «ned kunnen gebruiken maar moest gij daar uwen goeden naam verliezen en in verdacht komen ik zou sterven van verdriet. Jooren had verrasten aandachtig toegeluis terd. Het was de eerste maal dat iemand hein zoo van den sluikhandel sprak. Ofschoon er eene on eerende straf opstaat vo gens de begrippen van het volk is de smok kelhandel geene onteerende daad. Over de woorden van de brave boerin zat de jonkman na te denken. Wat ontbrak er hem om ooit de hand van Rozalie te krijgenRozalie welke bij altijd met stille liefde had bemind Niets anders dan geld. Wat middel had hij om aan geld te geraken Niets anders dan smok kelaar te worden. Boer Gyselaer boo I hem de kans aan. De woorden van de goede oude vrouw, aie hem als eene moeder had opge kweekt en hem als haar eig«n kind beminde die woorden hinderden hem. Hij stelde zich- zelven de vraag wat hebt gij aan de rij kg boerendochter aan te bieden om haar man te kunnen worden gij arme wees, gij nederige dienstknecht? Maar naar het antwoord toch moest hij met lang wachten. Het werd hem als ingefluisterd het rees uit zijn hert op het antwoord: «uw goed gedrag, uwe neer'stig- U,We hchaamskracht dat is meer dan stoffelijke rijkdom! En hij sloeg de oogen op en met vasten bUk ZaS b'J de Deze sprak nog altijd vriendelijk voort "En haast u maar niet, jongen, denker eeist goed over na, en boven staat uwe kamer voor u gereed, dat weet gij En indien gij nu eens naar uw zuker wilt gaan, doe het maar van de verstootelingen, c partij van de bevoorrechten verkiezen. Zij hebben zich willen overtuigen of het wel waar is wat er onder het volk verteld wordt, namelijk dat de Belgi sche prinsen der Kerk vijandig zijn aan alle uitbreiding van volkenrecht en dat he groote bisschoppelijke bladen, die met zooveel haat en woede de recht vaardigste der hervormingen bestrijden, trouw de gedachten vertolken en de gevoelens weergeven hunner gemijterde meesters welke deze tegenover de bur gerrechten van den werkman en den kleinen burger koesteren. Het antwoord op het manifest moest aan het gansche land doen kennen of onze Monseigneurs hunnen plicht boven hun belang zouden durven stellen, of zij t voorrecht van eenige rijken en mach tigen zouden durven verkiezen boven het gelijke recht van duizenden kleinen en geringen Zich met de kleinen tegenover de grooten stellen, de schoone leer van Kristus Alle menschen zijn broeders in zijne verhevenste beteekenis toepas sen, voor al de schapen der kudde de zelfde zorgen en genegenheid toonen, ziedaar de heerlijke rol welke onze kerkvoogden in deze kwestie hadden kunnen spelen. Ongelukkiglijk hebben zij die schoone zen ling niet durven aanveerden. Zij blijven heulen met de machtigen, vergeten dat hunnen godsdienst liefde en gelijkheid predikt, scharen zich bij hen die Jesus leer hebben verloochend om den geldgod te dienen en maken zich de medeplichtigen van al de volksver drukkers. Geen kardinaal Manning is bij ons durven opspringen om de miskenden te verdedigen, recht voor de onterfden te eischen en een einde te stellen aan dat schandelijk stelsel van Abelskinders en Caïnszonen in één en hetzelfde Vader land. Wij betreuren dat, want ware bij ons zulk een groot kerkvoogd gevonden ge weest, wellicht zouden er vele onheilen vermeden worden. Dan hadde men waarlijk kunnen zeg gen De Kerk wil lotsverbetering voor den werkman; nu, met de houding onzer bisschoppen, moet men besluiten De geestelijkheid vindt onze werklieden en kleine burgerklas maargoed om uitge schud te worden voor den St. Pieters penning en de Nieuwjaarsgiften voor en I aus, maar niet om politieke rech ten te bezitten, niet om als burgers van het Vaderland waardig te zijn. Een slavenwerk. "i'lver'J('0eQ We6t Wat de doorSestanG winter ia st(?^"0di",d'IS t0. zeggen wat machinisten, stokers en trewslmtera gedurende de schrik kelijke koude afgezien hebben. Om een staaltje te geven van het onmenschelijk werk dat door den ho 6 ,er bedienden verricht moest wor den Eten wij hier den dienst volgen van zekere machinisten ouzer statie nacht door tn^1 6 Ureh'S avonds> den ganschea nacht door tot s maandags 10 ure voormiddag. Maandag. Van 7 ure 's avonds den van middag? d00r t0t i,ijnsdaS 12'ure roor- Rusten tot Woensdag 6 ure 's avonds. dav Van 6ure 'sav(mds tot donder- aa& to ure s morgens. Van 7 ure 's avonds tot Vrijdag -iz ure s morgens. Rusten tot Zaturdag 6 ure 's avonds. M >j vragen het eens of dat voor een lich aamsgestel uit te houden is 4 nachten van de wnPi8ea ZWTnV machlen dooreen geschommeld wordende, 16 en 17 uren aan een, met moeite den tijd vindende om eenen boterham te eten hoHt^woW Jraakro°Peud' en Peereboom eeft wel te boffen met zijne overschotten zulke onmenschelijkheden zouden ei in geen beschaafd land gedoogd mogen worden. In 1880 heeft men na den guren winter bij- zondere premien uitgedeeld aan machinisten, stokers en treinsluiters en nu spreekt men ran mets t is schande Geen politiekers. Weet ge wat de bisschoppelijke bla den in plaats van hunne meesters aan het manifest der Werkliedenpartij ant woorden Dat de geestelijkheid zich met geen politiek moeit Wij gelooven dat de katholieken zelf met die kinderachtige uitvlucht, om lachen0 m°6ten zegêen leugen, zullen W elhoe de geestelijkheid mag zich met geen politiek bemoeien waarlijk zoo iets beweeren, dat gaat nu toch wat te verre boven zijn hout. Geene bemoeiing in de politiek?... En de pauselijke bevelen van Leo JOH aan de katholieken van Italië, om dan eens zich nvt de kiezingen te bemoeien en dan er weer buiten te blijven Geen politiek En de schoone rol welke de nuncius tijdens het laatste li- beraai immsterie tegenover minister rrere-ürban beeft gespeeld Geen politiek... en de handelingen van kardinaal Lavigerie en van mon seigneur Freppel, de eene voor en deze tegen de fransche republiek Geen politiek... en de mandementen vaneri879t?erdragerS schooloorlog Geen politiek... en onze geestelijke kiesmakelaars op den buiten Jooren stond op eu nam afscheid. Op het hof kwam hij doktor Schuit tegen De twee mannen gingen elkander groetend voorbij Over eemge jaren hadden zij malkander hier gezien, maar zij herkenden elkaar niet meer. Btude staken scherp tegen elkander afde sierhjke kkine ronde gestalte van den dokter met het Ronde haar, de heldere oogen achter den gouden bill en de tint die wit en rozig was gelijk van een meisje, nevens den bruinen kop boven het krachtig en welgevormd lichaam van den dienstknecht. Een flinke kerelzoo dacht de doktor 8 J lu ÜU1S Gad terwijl Jooren met rappe schreden naar het dorp ging VII. e Raad eens, Rozalie, wie hier is geweest zegde moeder als het meisje uit de kerk te huis kwam. o ~lk ^eet het zegde Rozalie dokter Schuit is hier geweest. Ik heb hem bij dokter Mulders gezien, en die bezoekt ons altijd als hij naar het dorp komt. Maar hij moet niet juist ons bezoeken terwijl ik in de kerk ben. ?a,' t0rugkeeren. Dezen namiddag kom. hij met dokter Mulders en zijne vrouw. Met dokter Mulders en zijne vrouw Wat peTh»lfdla6 hnri l!°ea Ze WÜ(mC[1 hier reeds een hall jaar, hebben er uooit aan gedacht naar i ecus'hG komen> en nu valt hun dat op Wel, tmoet hun toch eens voorde eerste maal invallen zei de boerin al lachend. Gij zijt vandaag zoo welgezind, moeder Dat is goed maar ik weet toch niet waarom Ik web Ik heb nog iemand anders ontvan gt u... Hierin tachterkamerken heeft hii bii huj gezeten. Raadt gij niet wien Onder het gesprek was Rozalie naar hara kamer toe gegaan Met de hand op de klink ze rap vroeg d Zlj de deUr °i,ea terwiJI Is Jooren hier misschien geweest m"Ja' JoiEtu is hier geweest» antwoordde moeder. Hier hebben we lang tezamen zitten klappen. Mei, wat jongenHij is nog gegroeid. net en s°hoon Hoort gij niet Rozalie harë kamer. m°eder!~ Z0° riep Rozalio uit Drie jaar goeden dienst heeft hij gedaan 7b Panr 7° 200 81Qg moeder voort. Ze willen hem overal hebben; en boer huurd16» hem reeds halvelings ge- Zoo, zoo Ja maar ik heb hem dat afgeraden. Gii weet wie boer Gyselaer is. Te zijnent kan da eerlijkste mensch zijnen goeden naam verlie- Dat moet gij u'niet aantrekken, moeder. Jooren is toch geen kind. <>ch toe Jooren heb ik opgekweekt, en lateis» J°DgeU H16t aau zlJa zelren over- 't 'lof116 d6ed de deur Vau ^are kamer in Zoo dusJooreu was teruggekomen I 7.H nad geweten dat dit eens gebeuren moest en was daarop voorbereid en had gemeend, dat ze daarbij zou kalm en bedaard blijven. En daar 1 ,ZIJ i au tf beven» .huiten raad, bij de gedachte dat zij hem op ieder oogenblik kon ontmoeten, en dat zij hem niet mocht bemer ken hoe zijne tegenwoordigheid de macht had haar zoo volkomen uit het evenwicht te bren- gen. (Wordt voortgezet.) l!mi"wiISeilbnefllraSerS ZUlleB heU daarniet ZGD... jj

Digitaal krantenarchief - Stadsarchief Aalst

De Dendergalm | 1891 | | pagina 1