6de Jaar. Nummer 22 (286) Zondag 31 Mei 1891. Lieve Jonkvrouw Trotschhart LIBERAAL WEEKBLAD VOOR 5 fr 50 voor den buiten, PRIJS PER NUMMER: 10 CENTIEMEN. voorop betaalbaar. Men abonneert zichop alle postkantoren voor den buitenvoor de stad, ten kantore van het blad, 10, Vooruitgangstraat 10, Aalst. Nee spe nee metu. HET ARRONDISSEMENT AALST. Prijs der Annoncen°e"one' Der drnlr.„., Reklamen, 75 centiemen OrUKregei. Vonnissen op de dei de lladzijde, i frank. Men maakt melding van elk werk waarvan een exemplaar aanhet blad gezonden wordt. Handschriften worden niet terug gezonden. AALST, 30 MEI. De die een uc personen 1 abonnement nemen op DE DENDERGALM, voor het laatste halfjaar 1891 en het bedrag van hun abonnement zenden naar den Uitgever zullen het blad gratis ontvangen, te rekenen van heden tot einde Juni. Buitenlandsch politiek overzicht. Holland. De tweede Kamer heeft de eerste artikelen van het nieuw wets ontwerp betrekkelijk den persoonlijken dienstplicht met 52 stemmen tegen 45 gestemd. Het jaarlijkseh contingent is op 14,600 manschappen bepaald. Daardoor blijft België de eenigste Staat van Europa waar het onrechtvaar dig stelsel der plaatsvervanging in voege is. Frankrijk. Al de Parijsische koet siers waren deze week in werkstaking gegaan, zoo dat alle vervoer met rijtui gen opgeschorst was. De werkstakers ondersteund door de burgerij en de pers, hebben gansche voldoening gekregen. Spanje. Het ministerie heeft een wetsontwerp neergelegd om den vrou wen en kinderarbeid te regelen.Kinders onder de 10 jaar zullen geen hoegenaamd fabriekwerk mogen verrichten van 10 tot 14 jaren zullen zij niet langer dan een halve dag mogen arbeidende vrou wenarbeid zal geene 10 uren mogen overtreffen kinders van minder dan 17 jaren zullen in geene barakken als kunstenaars mogen gebezigd worden. Spanje met zijn uitgebreid stemrecht loopt dus België vooruit. China.Ten gevolge van de opsto- kingeu«der priesters, welke diefstal en moord prediken, is er onder de Chinee- sche bevolking eene groote verbittering tegen de vreemdelingen ontstaan en men vreest voor de ergste gevolgen. Verscheidene bezittingen van Europea nen zijn te Nanking reeds verwoest of in assche gelegd. Eugelsche oorlogs schepen en Chineesche krijgsmacht zijn ter hulp gezonden. Een dwaze maatregel. Terwijl men in de overige landen naar middelen uitzoekt om de vervoer- prijzen voor personen en koopwaren zoo klein mogelijk te maken, terwijl men in Oostenrijk b. v. met de vermin deringen op het stelsel der zonen of 3. Vrij naar 't Engelsch. KAPITTEL II. OP EEN BALCON. Twee dagen na het bezoek van kapitein Cameron zat Christiaan Pembroke in een rij tuig eerster klas van den spoorweg die Londen met de zuid-west-kust verbindt. Van «Mejuffer Dione Lyle bad de jongeling eenen brief ont vangen, hem verzoekende eeiige dagen te harent te komen overbrengen, en hij was aan stonds op reis gegaan. Het was een schoon zon ïige dag en een waar genoegen met den stoomtrein zuidwaarts te vliegen. Eerst rond den avond hield de trein stil in de havenstatie alwaar Christiaan moest uitstijgen. Vaneenen bediende vernam hij, dat hij hier moest wachten naar de» stoomboot de Saucy- Lass om zijne reis voort te zetten. Tot aan hier waren slechts weinig reizigers met den trein medegekomen. Onder dezen was was er een knap jonkmau, die, even als Christiaan, naar de s'oomboot scheen te wachten. Eindelijk kwam de stoomboot de Saucy-Lass aangestoomd, nam Christiaan, den knappen jonkman en eenige andere reizigers aan boord en vaarde terug. Behagelijk plaste de Saucy-Lass door het water, en Christiaan stond op het dek eene sigaar te rooken en het tafereel te bewonderen dat voor zijne oogen oprees de lucht, het water, de zinkende zon en de golvende zee. gewesten tot zulke heerlijke uitslagen gekomen is, besluit minister Van den Peereboom de reiskaarten van prijs te verhoogen. Het was niet genoeg dat het bestuur onzer Staatsspoorwegen duurder doet betalen dan eenig andere maatschappij het was niet voldoende van den tarief te behouden van over eene halve eeuw, nu gaat men de reiskosten nog vergroo- ten en dieper in de zakken van het publiek tasten. Ziedaar het geschenk van dien grooten minister Van den Peereboom, welke met al zijne hervormingen, verbeteringen en besparingen den dienst veislecht, de ongelukken verdubbelt, de onzekerheid vermeerdert en het materieel tot op den draad, zonder herstelling of vernieu wing, laat verslijten. En waarom die prijsverhooging Komt hij in de Kamer den Jan niet uit hangen, niet pochen en boffen met over schotten van 10 en 15 millioen Loopen die dan gevaar?... Het schijnt van ja, of ten minste hij beweert dat het vervoer der reizigers hem jaarlijks een te kort van zooveel millioenen berok kent. Hij heeft nogthans genoeg reizigers treinen afgeschaft, zoo klein mogelijk het aantal hunner rijtuigen gemaakt en deze tot den slechtsten staat laten ver vallen, om daarvoor geene buitengewone uitgaven te moeten doen. Maar in de Kamer beweert hij toch dat die reizigerstreinen hem de oogen uit den kop kosten. Vraagt men hem cijfers als bewijzen, dan kan hij er geene voor brengen, maar hij houdt toch staan dat het zoo is en dan moet het wel zoo zijn. Wonderlijk is het, dat dit te kort zich juist veropenbaart als de handel her neemt. Sinds een goed jaar en half gaat alles beter behalve bij minister Van den Peereboom. Wanneer handel en nijver heid herleven en dus de inkomsten van den minister zouden moeten vermeerde ren, dan begint hij puttenuit den grond over de vermindering zijner ontvangsten te klagen. Van waar kwamen dan die hooggeroemde overschotten, die men aan zijne krachtdadige werkzaamheid toeschreef? Als over drie ^en vier jaar alles slecht ging kon hij b. v. de steen kolen, het ijzer, koper, enz., aanlagen prijs inkoopen en leverde men goedkoop werk, want er was niets te verdienen. Sinds een paar jaren is alles weer tot zijnen normalen prijs gekomen, worden het werk en de grondstoffen meer be taald, en aldus staat thans het Bestuur der spoorwegen voor immer aangroeien de onkosten. 't Was een zeeboezem, dien men moest over varen, een bocht, hier en daar bezaaid met kleineeilandjes, eenige bewassen met geboomte en gestruik, andere rotsachtig en bloot, en nog andere met enkele huizen bezet. Het was geheel avond geworden als de stoom boot stilhield en Christiaan verstond dat hij aangekomen wos. Een plank werd uitgeworpen. Op den haven- dam stonden eenige menschen. Christiaan nam zijn valies en kwam op den havendam, niet wetende waar heen en wat er hem te doen stond. Niemand scheen acht op hem te geven. Terwijl hij halfverlegen stond rond te kijken, kwam eea open rijtuig, met twee poneys be spannen, op den dam gereden, 't Was eene dame die de teugels hield. Was deze dame mis schien zijn vaders oude vriendin Neen, Chris tiaan bemerkte dat de dame jong was en dat de andere persone, die nevens haar in het rijtuig zat, denkelijk hare dienstmeid was. Het rijtuig bleef staan, en nu zag Christiaau een deftig man, die met hem op de stoomboot de overvaart gedaan had, met eene groote mande naar het rijtuig gaan. 't Was klaar, die man was de dienstknecht van de jonge dame. Niet gekomen «hoorde hij haar zeggen, toen de man met de mande op hare eerste vraag had geantwoord. «Niet gekomen... Hoe spijtig! En wat nu gedaan Waarschijnlijk wist de dienstknecht niet wat te antwoorden, want hij begon met de mande, die hij op het rijtuig had gebracht, vast te leggen, en dan deed hij de poneys keeren. Wat Christiaan betreft, nu was het ten volle klaar dat er niemand naar hem wachtte. Den kapitein van de stoomboot zag hij aan land komen en was juist op 't punt hem te vragen of hij hem het huis kon wijzen waar Mejuffer Wat voor een goed beheer eene bron van welvaart zou moeten zijn, eene aan winst, wordt nu nadeel en verlies. M. Van den Peereboom wil dit ver lies met eene prijsverhooging der reis kaarten uitdooven. Hij belooft, wel is waar, eene geringe vermindering op de vervoerkosten der koopwaren, maar, wij weten wat ministerieele beloften waard zijn. De prijzen der eerste en tweede klas sen vooral zullen verhoogd worden, die van de 3C klas zoo weinig mogelijk. Ons antwoord luidt de geringste ver hooging is nog te veel, want wij betalen de kaartjes reeds duur genoeg, meer dan elders. Minister Yan den Peereboom, welke vijand is van kennis en wetenschap, wil niet dat er gelezen worde en daarom heeft hij de boekerijen der wachtzalen afgeschafthij wil ook niet dat er veel gereisd worde, en daarom verhoogt hij de prijzen der kaartjes. Lezen en reizen worden verboden want dat is leerrijk, dat geeft kennis. Hij denkt misschien daardoor nog wat treinen afte schaffen en alzoo aan de noodzakelijkheid te ont snappen van nieuw materieel en nieuwen voorraad te moeten aankoopen om vol doende in de vermeexxlering der alge- meene behoeften te kunnen voorzien. We zijn er wel meê. Een nieuw schandaal. Wij zijn do meesters, en wij zullen hetu doen gevoelen riep zekere klerikale dwee- per in de Kamer uit' En zij houden woord. Men weet hoe moedwillig onze papenknech ten het officiëel onderwijs hebben verminderd, ten voordeele va,n de papenscholen. Thans heeft de verslaggever der Midden-Sec tie aan het budjet van binnenlandsche zaken de meening geuit dat de wachtgelden, toegekend aan de onderwijzers, welke het slachtoffer wer den van den schuoloorlog in 1884, niet gerecht vaardigd kunnen worden. Hij roept de aandacht der regeering in op dit punt in andere woorden, de Midden-Stctie vraagt de afschaffing der wachtgelden Wanneer de regeering tot eene onteigening overgaat, moet zij natuurlijkerwijze eene bil lijke vergoeding toestaan aan den eigenaar van het onteigende goed. De onderwijzers werden afgesteld, willekeu rig beroofd van hunne plaats, welke zij als hun nen eigendom konden beschouwen. Zij werden niet afgeschaft omdatzij nutteloos of overbodig waren maar om hunne plaats te geven aan schoolmeesters met God, maar zonder bekwaamheid, zonder diploma vooral,die de jeugd onderhouden in klerikale onwetenheid. De regeering is aan de onderwijzers, wier plaats men onteigende, eene vergoeding schul dig. Het feit zelve, dat zij van hunne plaats wer- Dione Lyle woonde maar de jonge dame van het rijtuig had hem gezien en klaarblijkelijk bemerkt dat hij daar stond gelijk een verlo rene. Zij fluisterde iets tot hare dienstmeid, beide keken naar Christiaan, en dan sprak de jonge dame tot den man, die nu naderde, en, zijnen hoed aanrakende, Christiaan vroeg, of hij zijne jonge meesteres wenschte aan te spre ken. Eenigzins verbluft, naderde Christiaan de jonkvrouw. Ik bid u, verschoon mij zegde zij voor over buigend bij zijne nadering ik denk, gij moet de heer zijn dien Mejuffer Dione Lyle verwacht. Te oordeelen naar den schijn ant woordde Christiaan ik moet veeleer de per soon zijn dien Mejuffer Dione Lyle niet ver wacht. Jawelmaar ik weet dat zij u niet heden verwacht... Wilt gij eene plaats in mijn tijtuig aannemen wij rijden voorbij haar huis Veel goedheid murmelde Christiaan doch ik wil u geen last aandoen. Toch nietwij rijden voorbij haar huis, en om harentwille kan ik u hier niet laten staan. De meid en de man hadden reeds achteraan plaats genomen. Christiaan ging nevens de jonkvrouw zitten. Mag ik u ontlasten van de teugels vroeg hij. Dank u Het is beter dat ik ze houde. Gij kent den weg niet, en 't begint al donker te worden. Zij trok de teugels aan. Ratelend rolde het rijtuig langsheen den havendam en sloeg rechts in. Het dorp, of liever de groep huizen lag aan de linkerkant van den havendam, als men landwaarts keek. De avondlichten begonnen reeds te flikkeren. De heuvels en de boomen den beroofd, is eene dier groote ongerechtighe den, welke in de geschiedenis streng zal geoor deeld worden. Maar klerikale haat is lang van duur. De Midden-Sectie, met te zeggen dat de wachtgel den moeten afgeschaft worden, vergroot deze ongerechtigheid nog, en begaat eene laakbare, lage daad van partijhaat, va^wrok. Onze meesters, die een nieuw schandaal voe gen bij de vele, welke zij reeds op het geweten hebben, zullen eenmaal rekenschap geven van hunne daden. Waar men komen moet. Het groot woord, dat men al van over 5 maanden had kunnen uitspreken is er nu uitde Grondwet moet herzien worden. Een half jaar heeft men noodig gehad om dit ei uit te broeden en om met dat te eindigen waarmede men zou moeten beginnen hebben. De meerderheid heeft in de midden- sektie met geen ander inzicht zoo lang gelanterfand en getalrad dan om de kwestie der herziening te trekken, te rekken en op de lange baan te schuiven tot in den gewonen zittijd van 1892. Daarom ook drukt een groot deel der verantwoordelijkheid voor de uitbars ting van de werkstaking op de lamlen digheid, de haarklieverij en den slechten wil der klerikale partij. De overeenkomst der partijen, door het ministerie gesteld, was een der eerste stokken welke er in het wiel der herziening gestoken werd want is het niet belachelijk, zoo niet dom, van een akkoord te willen sluiten over eene zaak, welke door anderen moet beslist worden Het stelsel Beernaert was een tweede struikelsteen welke door het gouverne ment werd in den weg geworpen, zeker met het vast gedacht van hierop nog veel minder tot eene overeenkomst te geraken. Dat dit stelsel hetwelk eene verplet tering der steden door de buitenkiezers daarstelt, van wege M. Frère bestreden werd, laat zich gemakkelijk begrijpen, te meer daar de klerikalen het stelsel der bekwaamheid, door de minderheid verdedigd, verworpen hadden. Dat bewijst nog eens zouneklaar, dat onze tegenstrevers van geen onderwijs willen weten, dat zij vijanden zijn van licht, wetenschap en beschaving en dat zij geen ander doel hebben dan bij middel van de onwetendheid, de over macht in het land te behouden. Dit strekt tot schande voor België, maar nog meer tot schande voor de klerikale partij. achter het dorp wierpen eene voorbarige duis terheid rond. Alles wekte aangename indruk ken op, de zoete geuren, het gebladerte, de zachte lucht, de flikkerende lichtjes, de rook die uit de stille schoorsteenen steeg. Het gelaat van zijne gezellin kon Christiaan niet zien haren sluier had zo neergelaten, maar hij was zeker dat hij door dien sluier twee prachtige oogen zag stralen, en het meisje droeg een mooien stroohoed met eene afhan gende pluim, en zij had geen chignon en al hare bewegingen waren vrij en bevallig en zwierig, en zij scheen den toestand tebeheeien en hare stem was zacht en frisch. Christiaan was derhalve zeker dat de jonk vrouw wel een zeer bekoorlijk schepsel moest zijn. Kent gij Mejuffer Dione Lyle vroeg zij als de gang van de poneys haar kans gaven ge hoord te worden. Neen ik heb haar nooit gezien... Wonderlijk 1 En gij zijt bloedverwanten Ook niet. Mijn vader en zij waren oude vrienden. En gij hebt haar nooit gezien Ik heb lang buiten Engeland geleefd en ben er eerst sedert korten tijd teruggekeerd. «Zij zal gelukkig zijn hare oudg vrienden weer te zien zegde de jonge dame. Dione Lyle is juist de vrouw om vrienden te hebben. Er zijn geene oude vrienden sprak Christiaan mijn vader is dood. Dat spijt mij oneindigzegde zij hem erns tig beziende. Mijn vader is voor mij de gansche wereld. Zij heeft geene moeder meer... dacht Christiaan. Zij bereikten de kruin van den heuvel, reden nog wat verder en blevon voor een huis staan. 't Is hier zegde de jonkvrouw. Trek aan 1de bel, Martin, en harddit was tot den knecht dan tot Christiaan die afgestegen was en Eindelijk heeft men van M. De Smet- De Naeyer, den grooten kiesknoeier en broeier, een voorstel dat voor een mees terstuk van konkelfoeserij mag aanzien worden. W at wordt er door het land gevraagd? Kiesrecht voor het werkvolk, kies recht voor de mindere klas, op den buiten en in de stad. Geen enkele van de besproken voor stellen voldoet aan den publieken eisch. De liberalen willen van de voorstellen der klerikalen niet en omgekeerd daarbij geen hunner is op rechtvaardig heid en onpartijdigheid gebouwd. Een enkel bezit al die voorwaarden en dat is het algemeen stemrecht met de ver tegenwoordiging der minderheden. Tot daar zal men wel moeten komen. Klerikale woede. In ons nummer van Zondag deden wij uit schijnen hoe razend kwaad de hevige klerikale pastoorsbladen over de stemming der midden- sektie zijn. Lc Courtier de Bruxelles noemt heteen slechten dag voor de katholieke partij en L Ami deVOrdre spuwt zijnen groensten gal op militaristen en herzieningsgezinden. De archi-katholieke Escaut van Antwerpen komt zijne jesuieteDstem in dit concert van verma- ledijding voegen. De vaderlandsche overeenkomst der par- tijen, roept hij uit, wat schoon gezwets 1 De geuzenbladen werpen het Chineesch stelsel van Beernaert-De Smet om verre de kleri- kalen willen er insgelijks niet van weten, want dit stelsel is onverstaanbaar en onuit- voerbaar. Het is zelfs geene bespreking weerd. Men heeft de katholieke partij op een slecht spoor gebracht, wij gaan een tijdvak van aanhoudende beweging te gemoet, waar- uit liberalen, vooruitstrevers, radikalen en socialisten profijt zullen trekken. In die on- gelukkige omstandigheden zullen de kiezin- gen in Augustus gebeuren en tusschen ont- moedigde katholieken en strijdvaardige radi- kalen kan de overwinning niet twijfelachtig zijn. Het ministerie zal waarschijnlijk aan dit waagspel niet overleven. De derde partij zal gewonnen worden door het algemeen stemrecht cat, alles genomen, nog beter is dan het Chineesch en onverstaanbaar stelsel door de midden-sektie uitgevonden. Ge ziet dus, gebuur, dat die joDgens maar in 't geheel niet tevreden zijn. Patiëntie, kame raadjes, ge zult nog ander pillen moeten slik ken. Aan wie de schuld. Sedert de iuaanmerkiugneming van het voorstel tot herziening, vooral se dert de uitbarsting der werkstaking heeft de klerikale pers onophoudend den spot gedreven met de eischen van het volk en met de middelen, die het aanwendde tot het bekomen zijner rech ten. Op het volk vrerd de schuld van al- haar begon te dankenGeen woord van dank, als 't u belieft. Goeden avond 1 Ik blijf niet om Mejuffer Lyle thans te zien, ik zou maar in den weg zijn. Goeden avond En zij trok de teu gels aan. Het rijtuig verdween, en Christiaan stond alleen voor de deur met zijn valies in de hand. De deur werd geopend, 't Was door een ouden grijzen man, bijna gekleed als een schipper. Christiaan vroeg naar de dame van den hui ze eu gaf zijnen naam op. De oude grijze man scheen aandachtig te luisteren, doch zegde niets. Hij nam Christiaans valies en met eene beleefde handbeweging verzocht hij hem binnen te ko men. 't Was hier een overwelfde gang met neerda lenden trap vol bloempotten en verlicht door het zachte schijnsel van eene olielamp. Chris tiaan meende dat de oude grijze man doof en stom was maar als hij haastig den trap wilde afgaan, raakte de oude man hem eventjes den arm aan en zegde met eenen vreemden tongval. Mijnheer... traag... niet rap... zoo! En Christiaan begreep dat de zwijgzaamheid van zijnen geleider voortkwam uit zijne be- krompene kennis van de engelsche tral. Langs den overwelfden gang bracht de oude grijze hem in het salon alwaar hij hem alleen liet. Dan kwam een netgekleed blozend landmeis je binnen en zegde hem mijne meesteres verwachtte u heden niet. Als 't u belieft, wilt gij naar uwe kamer komen En hij ging naar zijne kamer. Zij was op de eeiste verdieping. Die kamer vond hij zeer be vallig, zelfs prachtig. Met één venster kwam zij uit op een balkon. Den tijd nam hij niet om de prenten, de boeken, het chineesch 'porceleiu op den schorsteenmantel na te zien. In alle haast poetste hij zich wat op. Ongeduldig waa hij om zijne gastvrouwe te zien. Dau verliet hjj mmm DE DENDERGALM Ahn»nnmn„t.n.;;. 6 fr* voor de stad-

Digitaal krantenarchief - Stadsarchief Aalst

De Dendergalm | 1891 | | pagina 1