1
ICMW AALST NOG EEN GROTE ONBEKENDE
Aalsters museum 75 jaar
ZES MEDAILLES VOOR AALSTERSE
ATLETEN VAN EENDRACHT
De Voorpost - 24-11-1978 - 11
pde informatievergadering georganiseerd door de K.W.B.
deling St. Anna en St. Jozef Aalst, waarover wij reeds een
erste verslag brachten in de editie van afgelopen vrijdag,
eperkte de gastspreker Armand De Veylder zich niet enkel
et voorstellen van het Openbaar Centrum voor Maatschap-
elijk Welzijn van Aalst, maar antwoordde hij ook bereidwillig
p de vele vragen van de aanwezigen (waaronder uw dienaar),
eze informatie is dikwijls zeer belangrijk omdat het OCMW
u éénmaal met gesloten deuren vergadert, en een bulten-
aander slechts toevallig inside-gegevens kan bekomen.
oor de nieuwe wetgeving is
it OCMW een zeer belangrijk
ganisme geworden, dat zo-
at de ganse sociale politiek
in de stad onder haar be-
jegdheid kreeg. Weliswaar is
3t OCMW een partijpolitiek
gaan gebleven. Het is dan
ik vanzelfsprekend dat alle
irtijen de meest geschikte
irsonen afvaardigen om in de
ad te zetelen. Dat dit in het
(rieden niet altijd het geval
as, moge blijken uit het feit dat
de oude COO van Aalst eens
in afgevaardigde van een
utualiteit zat, die in een ambt-
leriode van 6 jaar slechts een
malen naar een raadszit-
ig gekomen is.
het OCMW van Aalst ervaart
len anderzijds op dit ogenblik
leds een positieve zijde van
fusie, met name dat de
fempelvrees, die vroeger te-
inover COO bestond meer en
!er overwonnen wordt door
hulpvragenden. Deze wen-
m zich veel gemakkelijker tot
sociale dienst, niet alleen
anneer zij finantiële proble-
en hebben, maar ook bij
xaaal-psychologische moei-
<heden. Hierbij speelt ook
ig een rol het feit dat de so-
ale dienst op dit ogenblik over
euwe aangepaste burelen
(schikt, en dat een veel gro-
re anonimiteit gewaarborgd
ardt bij de hulpverlening, dan
loeger in de deelgemeenten
(t geval was.
lp de vraag van één van de
mwezigen of de verleende
enstverlening soms niet te-
>rt schiet, merkte de heer De
eylder op dat dit vroeger mis-
jhien wel het geval kan ge-
Best zijn. Maar sinds 1 juk
ngstleden beschikt het
'os CMW over 7 nieuwe sociaal
isistenten, waardoor de mo-
he (lijkheden geschapen werden
ii de begeleiding degelijk uit
bouwen.
U Bt is anderzijds een feit dat de
"^volking nog te weinig ver-
Duwd is met de werking en de
lensten van het Openbaar
^entrum. Spreker deed dan
)k de (zeer interessante)
7 iggestie om in de toekomst
en deel van de «Aalsterse Be-
jer ïiten», welke in een plaatse-
ge kreklameblad verschijnen en
jer >er veel gelezen worden door
tor- 8 bevolking, regelmatig voor
behouden voor nieuws over
Bt OCMW
it zou misschien tot gevolg
or- innen hebben dat de man in
deie straat meer nieuwe gevallen
debu aanbrengen aan de sociale
jen énst, wat nu slechts spora-
tenlsch gebeurt. Hij vond het
alefouwens spijtig dat er niet
sa-neer kontakt was tussen het
l/Nf) ipenbaar Centrum en een
oi antal sociale en parochiale
jd. stanties. die op vrijwilligers-
len asis werken.
]Z 'ERKING VAN DE
de! AAD
es" een vorig verslag hebben wij
ra jeds uitvoerig over de werking
er-®n de eigenlijke Raad en de
>er nderscheiden bijzonder komi-
3lle®es geschreven Zoals in de
fjjndere OCMW's zou er ook in
3nialst een zogenaamd «Vast
,teJureau» dienen opgericht ge-
Beest te zijn. Dit gebeurde,
rg< p'gens de Heer De Veylder,
jiaiet omdat de meerderheid niet
(jojfenstte dat er in dit Vast Bu-
Jar|Bau ook vertegenwoordigers
jejian de oppositie zouden ze-
;enélen. Dit Vast Bureau dient on-
jai^ermeer in te staan voor de
jifettelijk voorziene driemaan-
jarJelijkse kontakten tussen de
ap-iaad en een afgevaardiging
;r ran het Schepenkollege In
jrc^alst vergadert men enkel tus-
irfen een afvaardiging van het
lijk chepenkollege, de Voorzitter
/erfan het OCMW en de fraktie-
)n€fiders van de meerderheid.
;n^en lid van de CVP-minderheid
ooitón dan ook niet op de vraag
ntwoorden wat er op deze
ie. ergaderingen wordt bespro-
,an 0n De CVP vindt het trou-
ter ,0ns spijtig dat zij zowel uitge-
i3. loten werden uit bovenver-
its. lelde besprekingen als uit de
,ar esprekingen van het Bijzon-
er beheerskomitee van het
iekenhuis.
ig
steunverlening
ri- lit antwoorden op een aantal
o- ragen bleek dat de steun in
op lalst steeds per postmandaat
en rordt uitbetaald, uitgezonderd
en ['leen dringende hulp, waarop
°e burelen zelf wordt betaald.
H. iet voordeel van de betaling
cheque is dat de onder
steunden niet langer meer in de
rij hoeven te staan op een uitbe
talingsdag om hun geld in ont
vangst te nemen.
Ook de anonimiteit wordt daar
bij grotendeels gewaarborgd,
vermits vroeger iedereen die
zich toevallig op een betaaldag
op de burelen van de sociale
dienst aanmeldde, meteen ook
wist wie geld ontving van het
OCMW.
De Heer De Veylder wist verder
te melden dat de steunaanvra
gen minimum 1 maal per jaar
worden herzien. Dit leek hem
voldoende om de gevallen op
te volgen, en om misbruiken te
vermijden. De kliënten weten
trouwens vooraf aan welke
sankties zij zich bloot stellen als
zij het OCMW niet tijdig verwit
tigen van een wijziging in hun
financiële of sociale toestand.
Op de vergadering werd ook
nogmaals bevestigd dat de
kliënten geïnformeerd worden
over de mogelijkheid die zij
hebben om beroep aan te te
kenen tegen de genomen be
slissing bij de provinciale be
roepskamer te Gent. Het
OCMW-lid kon echter geen re
den vinden hoe het kwam dat
tot op heden slechts 1 persoon
in beroep ging tegen een ge
nomen raadsbeslissing. Mis
schien komt het volgens hem
omdat de kliënten toch weten
waar zij recht op hebben.
Wat ook nog medegedeeld
werd, en wat nog niet vermeld
werd in het artikel over de
steunbarema's die gelden in
Aalst (zie de laatste Voorpost)
is het feit dat de ondersteun
den. naast de andere steun,
gedurende de wintermaanden
(minimum 3 maanden) een
tussenkomst bekomen in de
brandstofvoorziening. Vroeger
noemde men deze hulp «ko-
lensteun».
Op onze vraag of men veel
problemen heeft met vreemde
lingen, schijnt dit in Aalst niet
het geval te zijn. Het aantal is
trouwens beperkt. Enkel op het
vlak van de ziekte- en invalidi
teitsverzekering rijzen er een
aantal problemen
De Heer De Veylder vond het
anderzijds een goede sugges
tie om de maatschappelijk wer
kers in de toekomst eventueel
in wijkverband te laten werken.
Misschien zouden zij dan de
typische problemen van de
verschillende wijken (of deel
gemeenten) beter leren ken
nen, en zouden zij gemakkelij
ker de echte probleemgevallen
kunnen ontdekken.
AANGEBODEN DIENSTEN
Naast de steun heeft het
OCMW ook een dienst gezins-
en bejaardenhulp. Een pro
bleem hierbij is dat deze perso
neelsleden nog niet konden
benoemd worden.
Nochtans verkiezen zij bij een
openbare dienst te werken,
wegens de hogere verdiensten
vergeleken met de privé-
sektor. Door een recent Konink
lijk Besluit werd de ongelijkheid
tussen beide sektoren wel
enigszins weggewerkt.
Voor deze dienstverlening
deed de Heer De Veylder het
voorstel dat de private organi
saties eens tot een gemeen
schappelijk standpunt zouden
Komen, waarmee zij zich dan
tot het OCMW-bestuur zouden
kunnen wenden. Op dit ogen
blik wordt in dit verband door de
privé-diensten nog teveel indi
vidualistisch gedacht. Hij sug
gereerde trouwens dat men
gemakkelijk tot een degelijke
afspraak met het OCMW zou
kunnen komen. Het Openbaar
Centrum zou vb. kunnen in
staan voor de bejaarden, terwijl
de privédiensten de gezinnen
zouden kunnen bijstaan.
Over de dienst warme maaltij
den werd op de KWB vergade
ring nogmaals benadrukt dat zij
er vooral gekomen is dank zij
het dekenaal koncilievan 1969,
waar voor het eerst dit voorstel
geformuleerd werd. Ondertus
sen werd de dienst degelijk uit
gebouwd zeker in klein-Aalst,
waar de meeste mensen er
zeer tevreden over zijn In de
randgemeenten worden op dit
ogenblik nog diepvriesmaaltij
den rondgedragen, maar deze
zullen binnenkort vervangen
worden door hetzelfde systeem
ais in Aalst geldt.
Over de klusjesdienst, opge
richt in het kader van het plan
Spitaels waren een aantal
aanwezigen minder gelukkig.
Zo wist men te vertellen dat het
gepresteerde werk dikwijls
minderwaardig of gewoon
slecht is, zodat het nadien, door
een beroepskracht dient over
gedaan te worden. Het blijkt
trouwens dat er geen enkele
kontrole op de uitgevoerde ta
ken gebeurt. De Heer De Veyl
der dacht dan ook dat er in de
toekomst wel iemand van de
technische dienst van het
OCMW zou kunnen aangeduid
worden om de werken te kon-
troleren.
RUSTHUIZEN
Herinneren wij eraan dat het
OCMW drie rusthuizen be
heert. De geldelijke tussen
komst van de bejaarden is er
bepaald op 3/4 van alle inkom
sten, ongeacht het bedrag.
Hierin zijn dan wel alle kosten
van levensonderhoud begre
pen zoals: was, haarkapper,
mutualiteit, enz.
Vernomen werd ook dat alle
geplaatsten een zakgeld gega
randeerd wordt van F. 1800-
per maand.
Verbazend was wel van de
spreker te vernemen dat de
dagprijs van de rusthuizen
sinds 3 jaar niet meer werd
aangepast. Dit gebeurde niet
omdat men voor elke verhoging
de toelating moet krijgen van
het Ministerie van Ekonomi-
sche Zaken. Dit Ministerie
schijnt anderzijds dikwijls afwij
zend te staan om een dagprijs
te laten verhogen.
De Heer De Veylder zag er an
derzijds geen bezwaar in dat de
rustoorden van het OCMW de
ficitair zijn. Zij zijn immers in de
eerste plaafs een dienstverle
ning voor de gemeenschap.
Het was zijn mening dat een
OCMW rusthuis dient ter be
schikking te staan van de min-
derbegoeden. De rijken moe
ten zich volgens hem maar la
ten plaatsen in privéhomes
zoals deze van Mere of Liede-
kerke. Wij hopen dat het
OCMW van Lede (met zijn be
rucht artikel 5.3) zich ook eens
over deze zienswijze zal bera
den.
Rechtstreeks verband hou
dend met het hoofdstuk rus
thuizen was de vraag naar de
alimentatieplicht. Deze is, in
tegenstelling met wat velen
menen, in Aalst niet afgeschaft.
Zij wordt alleen niet meer toe
gepast. Nochtans was het de
mening van het CVP-raadslid
dat de kinderen hun ouders
zouden moeten helpen, ook fi-
nantieel, zoals zijzelf jarenlang
door hun ouders geholpen
werden
Als voorbeeld van de geldende
mentaliteit werd het voorbeeld
gegeven van heel wat kinde
ren, die hun ouders in het rust
huis slechts komen bezoeken
als deze hun zakgeld ontvin
gen. Voor de rest wordt elk kon-
takt vermeden.
HOSPITAAL EN ZIEKEN
HUIS
De samenwerking tussen het
stedelijk hospitaal en het
O.L.Vrouwziekenhuis schijnt
niet al te goed te zijn. Verschil
lende malen heeft het OCMW
bestuur immers getracht tot
een overeenkomst te komen
met de direktie van de kliniek.
De bedoeling was dat elk zijn
eigen gespecialiseerde dien
sten zou hebben, met de no
dige apparatuur, zodat men
niet zou overgaan tot het ver
spillen van overheidsgelden.
De hoop tot samenwerking is
echter tot op heden steeds ijdel
gebleken. Integendeel zelfs, de
kliniek doet blijkbaar alles wat
mogelijk is om het hospitaal te
bekonkureren, dit terwijl ieder
een goed weet dat er in Aalst
plaats genoeg is voor 2 afzon
derlijke ziekenhuizen, elk met
zijn specialisaties.
De Heer De Veylder gaf hierbij
verschillende voorbeelden on
der andere van de nieuwbouw
van het O.L.Vrouwziekenhuis,
die in feite opgericht werd
zodra men wist dat het hospi
taal met een nieuwbouw ging
starten. De Kliniek heeft echter
al de administratieve rompsl-
mop niet te doorlopen, die het
OCMW wel heeft (gemeente
raadprovincieMinisterie).
Bij het verplegend personeel
speelt de konkurrentie dan
weer in het voordeel van het
OCMW, allereerst omdat het in
een openbare dienst kan wer
ken waardoor het de vastheid
van betrekking heeft en ander
zijds omdat de geldelijke voor
delen groter zijn in het hospitaal
dan in de kliniek. De Heer De
Veylder wees er trouwens op
dat het O.L.Vrouwziekenhuis
zou dienen over te gaan tot de
gelijkschakeling van de wed
den met de openbare diensten.
Hiervoor is echter een syndi-
kale aktie nodig. Het was alles
zins zijn mening dat het verple
gend personeel in de kliniek
meer uitgebuit werd dan in het
hospitaal. Hij dacht hierbij aan
de zogenaamde «dankbaar-
heidsstage» die de afgestu
deerde verpleegsters dienen te
verrichten. Bij dit alles stelde hij
zich trouwens de vraag naar de
betekenis van de woorden
«Caritas Catholica» in het em
bleem van de kliniek.
Onmiddellijk hierbij aansluitend
werd gehandeld over de so
ciale dienst van het ziekenhuis,
die totaal onafhankelijk staat
van de sociale dienst, die steun
aanvragen, warme maaltijden
enz. behandeld. In feite be
schikt het OCMW trouwens
over 2 sociale diensten. Uit cij
fermateriaal blijkt dat deze so
ciale dienst in 1977 246 geval
len behandelde gespreid over
35 groepen. Ook hier ervaart
men zoals voor de «gewone»
sociale dienst een tekort aan
gevallen die aangebracht wor
den door de bevolking zelf. De
meeste problemen worden
immers gesignaleerd door het
verplegend personeel, dat
trouwens voortreffelijk werk le
vert.
TOEKOMSTPLANNEN
In de eerste plaats wordt hier
gewerkt aan de bouw van een
nieuw hospitaal. Op dit vlak
wordt trouwens ééndrachtig
door de raad opgetreden. Over
dit onderwerp hadden wij het
reeds in een vorige bijdrage.
Daarnaast werkt men volop
aan de uitbouw van een dienst
rechtshulp. Dit wordt immers bij
alle leden als een dringende
noodzaak tot realisatie erva
ren. Vervolgens wordt gedacht
aan de uitbouw van een dienst
thuisverpleging. Volgens de
spreker stelt zich hierbij voor de
CVP de vraag welke houding
deze partij dient aan te nemen
in de Raad wanneer dit punt ter
sprake zal komen. Deze
nieuwe dienst zal immers au
tomatisch in het vaarwater be
landen van privé-diensten
zoals het Wit-Gele Kruis, Bond
Möyson, enz Deze laatsten
zijn anderzijds nog tot geen
gemeenschappelijk overleg
kunnen komen, wat hun positie
t.o.v. het OCMW verzwakt.
Het inrichten van een kinder
opvangcentrum anderzijds ziet
het OCMW eerder een projekt
dat degelijk dient uitgewerkt te
worden in de stedelijke gezins
raad. Tenslotte werd nog uit-
voérig gehandeld over het af
gebrand pand en de plannen
hieromtrent.
Op 27.8.1976 brandde het
pand af waarin het klooster en
de kapel gelegen waren. In no
vember 1976 was reeds een
plan klaar voor een nieuw
bouw. Dit gebeurde nog onder
het oud COO bestuur. Hierbij
voorzag men dat de gebouwen
die opgericht werden op de
zelfde plaats als het afge
brande pand volledig zouden
ten dienste gestaan hebben
van het hospitaal (burelen
enz.). In de tuin zou dan een
nieuw gebouw opgericht wor
den dat plaats bood aan 50
personen, behorende tot de
kloostergemeenschap. Deze
gemeenschap zou er gebleven
zijn tot op het ogenblik dat het
nieuw stedelijk ziekenhuis zou
in gebruik genomen zijn. Na
dien zou het gemakkelijk aan
gepast kunnen geworden zijn
om te fungeren als een rusthuis
voor bejaarden. Tegen deze
plannen heeft het toenmalig
schepenkollege onder leiding
van de Heer De Bisschop en
Schepen De Neve zich echter
verzet «omdat het teveel zou
gekost hebben».
Er dienden dan nieuwe plan
nen opgemaakt. Deze voorzien
op het gelijkvloers de diensten
van de 900, een deel van de
administratie en de kapel. Bo
venaan komt dan het slot van
de zusters.
Op 23.11.1978 werd dit plan
definitief goedgekeurd en werd
het doorgestuurd naar de pro
vincie, waarna het nog dient
overgemaakt te worden aan de
administratie te Brussel.
Nu reeds blijkt echter dat deze
nieuwbouw meer zal kosten
dan de plannen, die op enkele
Vnaanden tijd uitgewerkt wer
den.
VEHE.
Het Stedelijk Museum (Oud-Hospitaal) aan de Vismarkt u ie
Aalst is beslist een bezoek waard. Benevens de wetenschap
pelijke belangrijkheid is er een permanente tentoonstelling
van zowat 1500 objekten vanaf de préhistorie tot heden ten
dage. Het is elke dag open van 14u tot 17 u behalve op vrijdag.
Op zondag kan u er terecht van 10.30 tot 12.30 u en van 14 u tot
18 u. Mits tijdig bij de museumdiensten aangevraagd zijn ook
bezoeken in groepsverband mogelijk.
Alhoewel meerdere nu ten
toongestelde objekten meer
dan een eeuw geleden uit de
bodem werden bovengehaald
bestaat het Aalsters museum
slechts driekwart eeuw, van in
1903.
Ontbossing van gronden waar
sinds mensenheugenis geen
wijziging was geweest, kanali
satie van de Dender, uitbouw
van het spoorwegnet en gene
ralisatie van de landbouw gin
gen gepaard met ingrijpende
grondverplaatsingen zodat
zeer oude woonlagen aan de
oppervlakte kwamen en hier
mede gepaard resten van be
drijvigheid in lang vergeten tij
den. Ook de ontginning van
steengroeven in de omtrel
leidde naar de schatkamer van
de fosielen.
Rond de eeuwwisseling ont
stond dan ook de drang te ach
terhalen hoe het verleden was
en welke sporen er in de streek
van te vinden waren. Een oud
heidkundige kring werd opge
richt met als doel het gekende
verleden van de streek te ach
terhalen en zichtbaar te maken.
Uiteraard zou het streekge
bonden zijn.
Toen men in 1903 via een
heersende verzamelwoede
een aantal objekten, min of
meer geordend, had samen
gebracht werden deze in de
kapelruimte van het pas verla
ten hospitaal tentoongesteld.
En de verzamelingen en de be
langstelling groeide en men
verhuisde naar het oud Sche
penhuis (waartegen de belfort
toren is gebouwd) enkele jaren
later.
Tot in 1970 zouden de tentoon
gestelde objekten daar blijven
doch dan werd terug verhuisd
naar het oud-hospitaai waar
nu de totaliteit van de klooster
gebouwen wordt gebruikt.
Het visuele patrimonium van
het museum is duidelijk in drie
domeinen te onderscheiden:
het echt archeologische, het
kunsthistorische en het volks-
kultureel erfgoed.
De préhistorie
Het museum bezit merkwaar
dige stukken. Ze in kronologi-
sche volgorde plaatsen toont
duidelijk aan dat vorderen in de
tijd niet altijd vooruitgang bete
kent. Verschillende verwor
venheden gingen immers in de
loop der tijden verloren.
Eerste kijk op het verre verle
den geven ons de fossielen
van weekdieren, vissen en an
dere zeebewoners. Men vond
ze in de bekende Balegemse
steen. Van de eerste mense
lijke bewoning zijn werktuigen
gemaakt uit beendermaterie
getuigen. Kwamen dan de
silex- en vuursteenknollen
gevolgd door geperfektioneerd
tuig van brons en ijzer.
Gebruikte materie was niet al
tijd uit de streek zelf afkomstig
maar had soms een verre weg
afgelegd waaruit blijkt dat ruil of
handel reeds tot de menselijke
aktiviteiten behoorde. Steeds
handiger en meer aangepast
tuig werd vervaardigd in funktie
van jacht, kledij, grondbewer
king en voedselbereiding.
Ook de menselijke tragiek bleef
niet onbekend door het vinden
van urnen met as afkomstig
van lijkverbranding. Met deze
urnen worden we voor het eerst
gekonfronteerd met vaatwerk
dat samen met het wapen blijk
gaf van volgehouden kontinuï-
teit.
De Romeinen en
de Oudheid
Belangrijk is het rood aarde
werk met de gestempelde
exemplaren uit de Romeinse
keizertijd, de sgiglata, naar
vorm, kleur, en versiering van
Germaans vaatwerk te onder
scheiden het vaatwerk kon utili-
tairof versierend zijn. Een soort
afzonderlijk is het grafvaat
werk. Koper, al dan niet ver
guld, leende zich tot het maken
van een hele gamme oojetaen
wijnkruiken, grafvaatwerk,
opsmuk, beeldwerk.
Bewerking van glas leidde tot
het maken van flessen en krui
ken en een uit glaspasta ge
maakte grote variatie van kra
len.
Andere merkwaardigheid uit de
verzameling zijn de resten van
witaarden kleine beeldwerkjes,
voornamelijk paardfiguren.
De bouwnijverheid is geor
dend, vorm van daktegels en
pannen lijkt wel gestan'aaröF
Ter ere van de zes Aalsterse nationaal kampioenen gaf het Kollege van Burgemeester en
Schepenen een receptie op het kasteel terlinden. Achter de tafel Burgemeester d'Haeseleer,
Jan Caudron, Van Hoorick en Eddy Monsieur, schepen van Sport. Vanzelfsprekend waren
ook Tavernier, voorzitter van de Sportraad, en Van den Spieghel, ondervoorzitter, aanwezig.
d'Haeseleer verwelkomde de kampioenen en alle medewerkers, Jan Caudron gaf een korte
historische schets en een lijst van de behaalde titels door Eendracht Aalst. Vervolgens
werden de medailles uitgereikt, en wel aan de volgende atleten:
Anne Marie Van Nuffel - Nationaal kampioene 800 m. indoor.
Nationaal kampioenen 800 m. outdoor
Nationaal kampioenen 1500 m. outdoor
verbeterde het nationaal rekord 800 m. 2'01"0
verbeterde het nationaal rekord 800 m. indoor 2'03"1
Renno Roelandt - Nationaal kampioen alle kat. 200 m.
Herman Permentier - Nationaal kampioen sen. II over 10.000 m.
Katinka Pottie - Nationaal kampioene 80 m. horden dames kadetten en nat. rekord.
Stefaan Van Der Stichelen - Nationaal kampioen 100 m. kadetten heren.
Emiel Kiekens - Nationaal kampioen marathon veteranen B 45 jaar).
Wim Verbeiren
seerd. Ook zijn er reeds ver
steende brokstukken beton-
specie en aarden buizen voor
verwarming en verluchting.
Van houten objekten blijft ge
zien de aard van de materie en
de vemietigiende werking van
op boden weinig of niets ge
spaard.
De Middeleeuwen
Van de Merovingers bleef me
nig gouden of koperen sieraad
over. Het ijzersmeedwerk van
de Franken kende een hoge
kwalitatieve waarde. Zie bvb.
de messen en zwaardmessen,
de pikl- en lanspunten en res
ten van landbouw- en paarde-
tuig.
Men bleef nu meer op dezelfde
plaats wonen en met het ont
staan van steden ging bezits
vorming gepaard De verschei
denheid aan objekten nam dan
ook toe. Allerhande voorwer
pen zo van huishoudelijk ge
bruik als ten dienste staand van
de overheid, gevechtstuig en
spelberiodigdheid brachten
een kijk op tijd en gebeuren.
Ook de kunst komt los uit het
anonieme. Kultuurobjekten en
profaan verenigingsbezit vol
gen een gelijke ritme. Ber
gingsmateriaal, kisten en an
der meubilair maken nu ook
sterk tijdgebonden de verdere
kuituurontwikkeling mee.
De nieuwe tijden
Het individu wordt bewust in
zijn relatie tot het wereldgebeu
ren en vaak dringt het modebe
grip zich op ten koste van het
algemeen geldend kuituurpa
troon. Spaanse, Oostenrijkse
en Franse sporen blijven dan
ook over. Hier kan de ikonogra-
fie een helpende hand bieden
ter identifikatie en situering en
door de druktechnieken wordt
gezorgd voor bestendige en
gewaarborgde overlevering.
Ook representatieve voorwer
pen die hun gebruikswaarde
hebben overleefd of waarvan
de belangrijkheid die van het
dekoratieve overtreffen zijn in
het museum te vinden.
Ook herinneringen aan be
kende met de streek verbon
den figuren zijn hier op hun
plaats, vooral dan op gebied
van de plastische kunsten. Een
uitzonderlijke inbreng was het
legaat van dokter Sierens dat
bestaat uit vijf doeken van Va
lerius de Saedeleer die in een
speciale museumruimte wor
den bewaard.
LH