Prijskamp voor
Paarden en Veulens
BERICHTEN
AMMONIAKSULFAAT
Kweek van den
Druivelaar
Snelle en aanhoudende Werking
LANDBOUW-
Krachtda
digheid
Lage
n
Dc Fruitboom-
en Vruchtenverzorging
in Amerika»
Veemarkt ert
Prijskampen
Stad Aalst.
Dinsdag 4 Juli
van hier en elders»
prijs
Zoo,da$j 25 Juut 1939
R00RNBJLÜBW
De gekende jaariijksche
van Aalst-Kermis zullen dees jaar
plaats hebben op
op de Houtmarkt»
Volgende premiën zullen uitgereikt
worden
I.
Grootste getal magere beesten (knap
pers) minstens 8.
1' prils 40 fr., 2® prijs 30 fr., 3e prijs 2Cfr.
III.
Grootste getal volle vaarzen en
melkkoeien minstens 8.
le prijs 50 fr., 2' prijs 30 fr 3' pr. 20 fr.
III.
Schoonste bekalfde vaars tot 2 tanden.
1* prijs 50 fr. en gouden prachtmetaal.
2' 40 fr. en zilveren
3' 30 fr. en bronzen
4® bronzen prachtmetaal.
IV.
Schoonste bekalfde vaars boven de
2 tot 4 tanden.
1* prijs 50 fr. en gouden prachtmetaal.
2« 40 fr. en zilveren
3' 30 fr. en bronzen M
4" bronzen prachtmetaal.
V.
Hoornvee bekalfd en onbekalfd boven
de 4 tanden tot 6 tanden.
1* prijs 50 fr. en gouden prachtmetaal.
2« 40 fr. en zilveren
3' 30 fr. en bronzen
4' bronzen prachtmetaal.
VI.
Schoonste melkkoei bekalfd en
onbekalfd.
le prijs 50 fr. en gouden prachtmetaal.
2' 30 fr. en zilveren
3e 20 fr. en bronzen
De prijskamp is uitsluitelijk uitge
schreven voor veeverkoopers.
De verkoopers die vermeenen recht
te hebben op een der vermelde premiën
zullen gehouden zijn zich te doen in
schrijven op gemelden dag, voor het
begin der markt van 7 tot 8 uren bij de
Commissie die zich ter plaats zal bevin
den. De prijskampen beginnen om 10 u.
De uitreiking der premiën zal plaats
hebben denzelfden dag op klokslag 12 u.
Het vee ter markt gebracht is vrij van
plaatsgeld.
De Secretaris, De Voorzitter,
Felix Clinckaert. Cyrille De Coen.
Leden Ortaire Caudron, Raymond
Van der Schueren, Jozef Callebaut, Al
fred Kelders.
Aalst-Kermis 1939.
Op Zaterdag 1 Juli, te 9 uur
voormiddag, In de Statiestraat
PRIJZEN
Merriën van minstens vier jaar.
1' prijs 300 fr. en gulden medalie.
2' 200 fr. en
3' 150 fr. en zilveren
4' 125 fr. en
5® 100 fr. en
6' 75 fr. en bronzen medalie.
7' 50 fr. en
8' 30 fr. en
9' 30 fr. en
10' 20 fr. en
Driejarige Merriën.
1' prijs 175 fr, en gulden medalie.
2® 125 fr. en zilveren
3' 75 fr. en bronzen
4® 50 fr. en
5' 30fr.en
Tweejarige Merriën.
1' prijs 150 fr. en gulden medalie.
2' 110 fr. en zilveren
3' 80 fr. en bronzen
4» 60 fr. en
5' 40 fr. en
6' 20 fr. en
7' 20 fr. en
Hengsten-Jaarlingen.
1® prijs 125 fr. en gulden medalie.
2® 100 fr. en zilveren
3' 60 fr. en bronzen
4' 40 fr. en
5e 20 fr. en
Merriën- Jaarlingen.
1® prijs 125 fr. en gulden medalie.
2® 100 fr. en zilveren
3® 60 fr. en bronzen
4® 40 fr. en
5® 20 fr. en
6® 20 fr. en
7® 20 fr. en
Hengsten-Zuigelingen.
1® prijs 75 fr. en gulden medalie.
2' 50 fr. en zilveren
3® 30 fr. en bronzen
4® 20 fr. en
5® 20 fr. en
6' 20 fr. en
Merriën- Zuigelingen.
1® prijs 75 fr. en gulden medalie.
2® 50 fr. en zilveren
3® 30 fr. en bronzen
4' 20 fr. en
5' 20 fr. en
6' 20 fr. en
Algemeene schikkingen t
De inschrijving voor den prijskamp
wordt genomen den dag van den prijs
kamp tot 9 uur voormiddag, in het
Hótel de la Gare bij Mr K. De
Grauwe, Statieplein.
Groote paarden (kat. 1-2-3) betalen
een inschrijvingsrecht van 5 frank.
Jaarlingen en veulens (kat. 4-5 6 7)
betalen een inschrijvingsrecht van 2 fr.
De prijskamp begint te 9.30 uur.
De uitreiking der premiën geschiedt
onder toezicht der hiertoe aangestelde
commissie te 2 uur, ten lokale St Eloi„
Esplanadeplein, 2, bij Mr Frans Van
Boxstaele.
Het Uitvoerend Comiteit t
De Secretaris, De Voorzitter,
Zénon De Vos. Louis Callebaut.
ozef Callebaut, A fred Cobbaut, Oscar
3e Cock, Cyriel Matthys, Omer Mat-
thys, Raymond Van der Schueren.
Het Bestuur Ortaire Caudron, Remi
Cobbaut, Vital Cooreman, Jozef De
Clercq. Alfred De Clippele, Cesar De
Corte, Gaston De Grauwe, Alfons De
^loose, Philemon Droessaert, Henri
Fransman, Omer Meirsschaut, Arthur
Moereels, Jozef Muylaert, Alfons Van
<eer, Hector Van Melkebeke, Emiel
Van Peteghem, Valere Verstraeten.
Wanneer we spreken over den kweek
van den druivelaar, stellen we ons op
iet standpunt van den kweeker, minder
op dit van den liefhebber. Een liefhebber
zal bijvoorbeeld zijn druivelaars verme
nigvuldigen door markoteeren, dit is
door aanaarden van een naar den grond
gebrachten twijg. Wij echter gaan
anders te werk. Er zijn twee manieren
1) Vermenigvuldiging in serre.
2) Vermenigvuldiging in open lucht.
De vermenigvuldiging in serre, draagt
veruit de voorkeur weg, daar deze
planten in pot gekweekt, ten allen tijde
kunnen verhandeld en verplant worden,
en tevens ook een hoogeren prijs gaan,
varieerend tusschen 7 en 8 fr.
We gaan als volgt te werk. Den 15
Januari, bij den snoei onzer druivelaars
in kas kiezen we zorgvuldig die takken
uit, die het best het ras vertolken en
door blad en door tros. Van deze takken
worden eenoogstekken gesneden met
een scherp griffelmes. Wanneer we van
eenoogstekken spreken, verstaan we
hierdoor stekken, die men snijdt begin
nende één centimeter verwijderd van
den onderkant van het oog en schuins
opgaande naar den bovenkant toe. Deze
stekken, die dan een lengte hebben van
twee tot drie centimeter, worden inge-
pot in potjes van zes, in goed verteer
den bladgrond. Ze worden ofwel alleen
met het oog bovengezet, ofwel met het
oog en het deel van den stek er boven.
Ze worden vervolgens in de kweekserre
gebracht, wac.r ze op een bodemwarmte
gezet worden van circa 22° tot 25° Cel
sius. Hiertoe gebruikt men best vochtige
turf, die men boven op de verwarmings
buizen legt en waar men de potjes licht
jes induwt.
Boven op den grond van de potjes
strooit men een laagje zuiver rijnzand
ter voorkoming van zwamziekten. Eerst
wanneer de stekken een paar blaadjes
gevormd hebben t.t.z. als ze er een vijf
tal hebben, verpot men ze in potten van
tien. Men zal als dan bemerken dat de
stekken reeds een aantal worteltjes ge
vormd hebben, hetgeen eerst vooraf
gegaan werd door callusvorming aan de
wonde, dit is een eeltachtige verdikking.
Men zal weerom te werk gaan met goed
verteerde bladgrond. Men zal de bodem-
warmde iets lager laten dalen tot een
14° a 16°. Na een paar maanden verpot
men weer, nu echter in speciale druiven-
potten van 15 cm diameter. Zoodoende
bekomt men op den duur planten, die
een lengte hebben van 1 meter tot 1 1 2
meter. Eens dat de planten een lengte
hebben van 0.70 m zal men de bodem-
warmte zoo goed als gansch uitschake
len, echter nog steeds in warme kas
houden. Men zal steeds de zijscheuten
uitnijpen en op tijds steunstokken geven.
Het volgend jaar 15 Januari kunnen
deze planten gesnoeid worden op één of
twee oogen naar gelang men één of
twee snoeren wil.
Nu komen we eigenlijk aan de onder-
houdszorgen in de druivenserre.
Van 15 tet 20 Januari is het ideale
tijdstip om onze druivelaars te snoeien.
Men kan hier ook te werk gaan op ver
schillende wijzen. Men snoeit op één of
twee oogen. Over de voor en nadeelen
van beiden spreken we in een volgend
artikel. Wanneer men echter snoeit,
zorge men er voor steeds goed gevorm
de, kiembare oogen te nemen. Nu ook
dient men de meststoffen toe, het zijn
stalmest, fertifos en zwavelzure potasch
en werkt alles trapsgewijze in. Nu eerst
begint het groote werk in serre, want de
oogen schieten door. De takken voort
komende van deze uitgeloopen oogen
worden aangebonden steeds naar het
nok van de serre toe, dus nooit gelijk
loopend met de draden. Gemiddeld heeft
men langs eiken kant van een volwassen
druivelaar vier en twintig draagsporen,
die elk twee takken geven. Dus heeft
h
men op den boom een totaal van 96 ge-
steltakken, waarvan er 48 bestemd zijn
om de trossen te dragen en 48 andere
om het volgende jaar weer op twee
oogen gesnoeid te worden en ook om
den vruchttak en den vervanger voort
te brengen.
Zoodra de vleugeltjes t.t z. de dieven,
tusschen de bladeren een redelijke lengte
te hebben, begint men deze uit te nijpen,
uitgenomen boven een tros, daar laat
men het staan. Den tak nijpt men verder
op een blad of vier na den tros in en
hier ook dus op het uiteinde laat men het
vleugeltje staan, hetgeen men telkens op
een blad innijpt.
Een week of twee weken voor de
druivelaars in bloei komen, dient men
30 grammen sodanitraat toe, welk men
onderwerkt en eens goed begiet. Deze
bewerking heeft ten doel de trossen te
doen rekken. Men kan ze nogmaals her
halen een week na den bloei, nu echter
maar 20 grammen per m2.
Nu echter komt een belangrijker zaak,
namelijk het uitdunnen der trossen. Een
tros, die vroeger 150 bolletjes had, mag
er na de dunning nog slechts een 80 tot
85 hebben. Men lette wel op dat men
gedurende dit werk steeds zorgvuldig
het knipschaartje afdroge zooniet plekt
men de trossen waar men tegen aanstoot.
Eens dit geëindigd is het grootste werk
gedaan in de druivenserre.
Men zorge er voor een paar schaal
tjes met zwavelboem in het nok omhoog
te hangen, om de verschillende ziekten
tegen te gaan. Hierover echter een
volgende maal.
Als goede variëteiten kunnen we op
sommen
Frankenthal.
Chasselat Rose goed voor buiten.
Noire Hatif d'Angers.
Muscat blanc.
Gamay des Vogue buiten heel
vruchtbaar, met kleine trosjes.
Pare de Versailles.
Gros Maroc.
Muscat blanc du Jura.
Alphonse Lavaüée.
Royal.
Précoce de Malingres.
Royal Malemberg,
La Hulpa.
Als nieuwigheden heeft men de Ita-
liaansche variëteiten, bijna allen zonder
korrels
Italia.
Sultana Moscata.
Moscata dell' Adda.
Sultanina Nera.
Sultanina Bianca.
Principens di Piemonti.
Rodi.
Maria Pirovana.
Marengo.
Op Vrijdag 16 Juni laatstleden had
den we het genoegen een zeer belang
rijke film te zien afrollen in de tuinbouw
school van Melle, die handelde over de
fruitboom- en fruitverzorging in Ameri
ka. Mijnheer Pestel, een zeer begaafde
en welsprekende Waal trad op als
kineast, de tekst onderaan de lichtbeel
den was in 't Engelsch, 't gold hier
immers een Amerikaansch film.
Mijnheer Delbeke, bestuurder der
Tuinbouwschool, gaf den noodigen uit
leg in 't Vlaamsch en zoo konden we
toch al het mogelijke voordeel halen uit
dien film die voorzeker de moeite loonde
hem te aanschouwen.
In Amerika gebeuren vele wondere
dingen en de neiging die er hier te lande
bestaat om die wonderheden nog wat te
overdrijven,doet soms de gebeurtenissen
aan 't ongeloofelijke grenzen. Wat wij
daar te zien kregen op doek moet toch
wel gebeurd en beleefd zijn en we moe
ten ronduit bekennen dat we ons
moesten geweld aandoen om niet te
gaan denken dat 't een sprookje was.
Beeldt U in dat ze daar spuitlansen
bezigen met 2, 3, 4, 6 ja tot 8 doppen die
allen door een en dezelfde persoon ge
bruikt worden en door een en dezelfde
pomp bevoorraad. Om U een gedacht
te geven van de drukking die door deze
pompen uitgeoefend wordt laat me toe
U te zeggen dat deze niet minder be
draagt dan 40 kilo per vierkante centi
meter watervlak. U begrijpt dat om
dergelijke waterstralen te hanteeren er
een zeer sterken persoon noodig is die
bovendien, door de gewoonte, een reeds
groote behendigheid moet bezitten
Wanneer het aantal doppen 4 te boven
gaat, dan wordt het toch te lastig. j
De Amerikanen hebben er dan een
toestel op gevonden dat vaststaat op
den wagen en zich beweegt om een as
zoodanig dat de persoon met alle gemak
de stralen op en neer, rechts en links,
bewegen kan.
De snelheid waarmede de bespuiting
uitgevoerd wordt gaat alle gedacht te
bovende wagen of tank rijdt traag
zaam vooruit maar staat nooit stil en
intusschentijd zijn de boomen bespoten
denk aan de 4, 6 tot 8 waterstralen die
den boom bevochtigen door een enkele
op en neergaande beweging. Dit wil nu
juist niet zeggen dat deze spuitlansen de
beste zijn, neen, de Amerikanen verlaten
ze om de te groote hoeveelheid sproei-
vocht en het lastige werk; ze prijzen
bijzonder aan de lansen met 2 doppen,
die niet te dicht bij elkander staan maar
waarvan de stralen aan 't uiteinde zich
mengendeze verbruiken niet te veel
vocht en geven een zeer goeden uitslag
met veel gemak voor den behandelaar.
Om de vier en twintig dagen wordt
de bespuiting herhaald. Om alle ver
branding te vermijden wordt de oplos
sing niet te straf gemaakt, maar de uit
werksels zijn zoodanig gunstig dat de
Amerikanen mogen zeggen dat ze in hun
boomgaarden geen insekten meer zien
tenzij deze die 't gras afbijten of de
vruchten komen opeten die gevallen en
geblutst zijn dus schapen en varkens.
Aangezien de sproeistof niet te sterk is
bestaat er ook weinig gevaar voor de
dieren.
Waar wij verwonderd naar opkeken
waren de machines die automatisch
zijdelings en van onder naar boven, als
een forschen dauw uit 20 gaten te gelijk
het sproeivocht in de boomen joegen
om U hiervan een gedacht te geven
denkt aan den kunstmatigen regen door
onze hedendaagsche kweekers verwekt
om hun planterijen te bevochtigen, met
dit verschil dat in Amerika alles op een
wagen is vastgemaakt die gedurig maar
voortrijdt.
We moeten ronduit bekennen dat er
veel waarheid zit in de bewering dat het
Amerikaansch fruit dat hier toekomt
gaaf, gezond en blinkend is. Dit fruit,
alhoewel min goed van smaak en aroma
dan het onze, wordt hier toch beter ver
kocht omdat het, door zijn uitwendige
schoonheid, de koopers min of meer
aanlokt.
We weten wel dat dit stelsel van be
spuiting niet kan nagevolgd worden in
ons land en bijzonder niet in Vlaande
ren waar de hovingen over 't algemeen
te klein zijn en men er zelfs moeilijk met
een vatpomp op kar getrokken door een
paard zou wegkunnen. Dit belet toch
niet dat er vatpompen zijn op kruiwa
gen, rugpompen, zelfs kleine hand
spuiten die even goed 't werk verrichten,
we moeten ons leeren aanpassen aan de
omstandigheden waarin we leven en
hoegenaamd niet nalaten van met onzen
tijd mede te'gaan.
We kunnen, met een weinig goeden
wil, zoowel als de Amerikanen gezond
en zuiver fruit winnen, maar de goede
voorbeelden uit verre streken moeten we
ons dan te nutte maken.
In Amerika zijn de bespuitingen ver
plichtend door middel van radio en
vlugschriften worden al de kweekers
verwittigd van den datum en de tijd
ruimte die ze hebben om hun fruitboo-
men te verzorgen wie ze niet besproeit
of op eenigerlei wijze belet is dit te doen,
die hoeft slechts te betalen aan dezen die
't werk in hun plaats komen verrichten.
We mogen dus zeggen dat 't werk alge
meen uitgevoerd wordt en men zelfs in
een demokratisch land als Amerika den
spot drijft met een vrijheid die in 't na
deel van de inwoners zou beoefend
worden.
Indien goede voorbeelden trekken
dan meenen we goed te doen de aan
dacht van ons Ministerie van Landbouw
hier op te vestigen.
('t Vervolgt).
BINNENLAND
Mond- en klauwzeer.
Toestand van 12 Juni tot 18 Juni
1939:
Antwerpen 1 haard Brabant 3
haardenWest-Vlaanderen 12 haar
den; Henegouwen 7 haarden; Oost-
Vlaanderen 11 haardenLimburg 0
haarden; Luik 3 haarden; Namen
2 haarden Luxemburg 11 haarden.
Totaal52 haarden.
Vorige week 66 haarden.
Week van 29 Mei tot 6 Juni 58.
Week van 22 Mei tot 28 Mei 84.
Week van 15 Mei tot 21 Mei 53.
Week van 8 Mei tot 14 Mei 88.
Week van 1 Mei tot 7 Mei 81.
Week van 24 April tot 30 April 66.
Nationale Tuinbouw-Tentoon-
stelllng.
De Nationale Tuinbouw-Tentoon-
stelling ieder jaar ingericht door het
Koninklijk Verbond der Tuinbouw-
maatschappijen van België zal dit jaar
plaats hebben te Prameries, op 24, 25 en
26 September.
Zij zal ingericht worden door de
Société d'Horticulture et de Petit Ele-
vage van Prameries (Voorzitter M.
Compère) en met de medewerking van
de andere tuinbouw-groepeeringen der
arrondissementen Bergen, Zinnik, Aat
en Doornik.
Mededeeling van het Minlste-
rle van Landbouw.
Stallenverbétering. Het Departe
ment van Landbouw vestigt er de aan
dacht op, dat in talrijke gevallen belang
rijke verbeteringen aan de stallen kun
nen toegebracht worden, met tamelijk
geringe kosten.
Het herinnert de landbouwers er aan,
dat toelagen, welke tot 30 °/o van de
kosten der verbeteringswerken kunnen
bedragen, te dien einde verleend wor
den.
De aanvragen moeten gezonden
worden aan de Rijkslandbouwkundigen,
belast met aan de belanghebbenden alle
nuttige inlichtingen te verstrekken.
Bericht aan de tabakplanters»
In herinnering wordt gebracht dat
iedere tabakplanter verplicht is een teelt
aangifte, volgens voorschreven model,
in te dienen ten kantore of hulpkantore
der accijnzen van het gebied, vóór 1 Juli
of binnen de 8 dagen na het planten, in
dien dit later geschiedt.
Formulieren van aangifte zijn te ver
krijgen op de kantoren of hulpkantoren
der accijnzen. De aangifte mag per post
verzonden worden.
Bovendien moet de planter van meer
dan 1000 planten uiterlijk den 30 April
van het jaar na de teelt, ten kantore of
hulpkantore der accijnzen over het ge
bied aangifte doen van de werkelijk ge
oogste hoeveelheid droge tabak.
Het bestuur der accijnzen zal, zooals
telkenjare, de te velde staande tabak-
planten nauwkeurig natellen.
De accijnsplichtigen die verzuimen al
dus de teeltaangifte in te dienen, alsook
diegenen die onjuiste aangifte doen, zul
len de bij de wet voorziene straffen op-
loopen.
Indien de teelt beschadigd is door ha
gelslag, overstrooming of andere geval
len van overmacht, of indien zij klaar
blijkelijk mislukt is, dit beduidt dat de
opbrengst aan drogen tabak geen kilo
gram per 24 planten bereikt, kan de
planter geheele of gedeeltelijke vrijstel
ling der rechten bekomen.
Hiertoe moet hij de aangifte Nr 448
invullen aan te vragen bij den ont
vanger of hulpontvanger der accijnzen
en den tabak te velde laten staan totdat
de accijnsbeambten de schade zijn ko
men vaststellen.
Planters van meer dan 1000 planten
moeten evenwel slechts aangifte 408 in
dienen in geval van totale vernietiging
van planten.
Het handelsakkoord met Ne-
derland.
Naar wij in de pers lezen werd het
handelsakkoord met Nederland verle
den week onderteekend. Over den in
houd weten de landbouwers bepaald
niets dan wat de vage officieele mede-
De hoedanigheid van het fosfoor-
zuur in het
«THOMASSLAKKENMEEL*
alsmede de inhoud van kalk en
mineralen verleenen aan dit pro-
dukt een eerste rang plaats onder
de phosphaatinhoudende meststof
fen.
(Ingezonden.)