Belangrijke Studiedag in de Rijkszuivelschool te Gent. Waarschuwingen voor de Fruitkwekers. KALVEREN 7 N/HHTFN (jebru,kt m Uwe KRUISHOUTEM Verlangt ge sterke flink opgroeiende Rode Spin GEMEENTE DE KOORNBLOEM 15 Mei 1954 Op V'ij lag 7 Mei ging de IVe Zui velsmdi dag door in d> Rijkszuivelschool onder het voorzirtersch «p van Ing. De Baere, Direct» ur der Rijkszuivelschool. In zija welkomsgroet aan de tahijke aan wezigen. wees de spreker vooral op het doel dat door deze studiedag nagestreefd wordt, en legde de nad uk op het f»-it dat de taak der Rijkszuivelschool zich riet mag beperken tot de weter schappe lijke vorming van de toekomstige be- drijfsleilers, maar dat bedoelde onder wijsinstelling ook door technische voor lichting onder de voim van voordracht avonden en studiedagen wil bijdiagen tot de verruiming van de kennis van alwie met de zuivebijverheid en de melk- veeui bating in ons land begaan is. Deze welgeslaagfe studiezitting werd o. ro. bijgewoond door volgende perso- nali'eiten de heer Van Snick, kabinets- attacbé, vertegenwoordiger van de minister van Landbouw. de beer Dewit, Insp'Cteur Gene raal van het T. chnisch Onderwijs bij het ministerie van Openbaar Onderwijs. de ht et Prof Ing Van den Brande. R-c or der Rijkslandbouwhogeschool te Gent. de heer Ing. Servais, Directeur van de Dienst Zuivel bij het ministerie van Landbouw de heer volksvertegenwoorder De Nolf. de heerhoefdinspecteur Lindemans. tahijke p-of^ssoren en assistenten der Rijksu iversiteit, der Rijksveeartse nijschool en der Rijkslandbouwhoge- schoo te Gent. afgevaardigden van de Rijksland- bouwhugeschool te Gembloers en van het hoger Landbouwmstiiuut bij de Uni versiteit te L uven. de dieDS hioflen van de Nationale Zuiveldienst en Rijkszuivrlconsulenten. een flinke delegatie uit Nederland onder leidi-ig van de heer Keestra, direc teur van het Nederlands Zuivelkwali- tei'sbureau re Amsterdam. heren directeurs van Hogere TVch nische en Landbouwscholen en b stau - sters van Landb u huishoudscholen. talrijke direcreuis van zuive fabrie ken, zowel uit Wallonië, als uit het Vlaamse land en vele andere belargsttl lenden uit de verschillende landbouw- kriogen van ons land. Als eerste spreker trad op, de heer Dr K. De Vriendt, Dtr ct» ur van de Natio nale Zuiveldienst, dit zakelijk de huidige stand van de boierfah icage in België ten opzichte van de kwaliteit belichtte, en er op wees dat het probleem van de hoed migheid van onze boier meer en meer aandacht verdient, gezien de evo lutie van de procuctie en de consumptie. In 1953 werd een sijging van de pro ductie waargenomen tegenover 1952 terwijl de consumptie door een zeer ge ringe dalirg gekenmerkt werd, hetzij shebts ICO gr per hoofd en per jaar. Op dit ogenblik bezit 73 van de in België geproduceerde melkerijboter het cooriö lemerk, hetgeen een merkelijke vooruit gang bet» kent tegenover 1950 wanneer enkel 55 */o van de melkerijboter het coct 6 emerk bekwam. Het is een onbe twistbaar feit dat er meer en meer be langstelling komt voor het kwaliteits probleem en dat er h el wat verbeterin gen vastgrS'eld worden op het gebied van de mei- wi» ning en de uitrusting van de botetf >btieken. Vervolgens werd door de spreker een overzicht gegeven van de meest voor komende boteivebreken en Oit aan de hand van de fficiele uiis'a^en van de keuringen die maandelijks door de Na tionale Zuiveldienst ingelicht worden. Tenslotte wees hij op de verbeteringen die in de toekomst dienden verwezen.ijkt te worden. Het vraagstuk van het vecht in de boter, mede in verband met het ontstaan van botergebreken werd behandeld door Ür H. Mulder, hooglreraar aan de Landbouwhogeschool te Wageningen. Na de theoretische behandeling van het kneden waarin vooral de wijze wordt belicht waarin het water in de boter voorkomt, wordt het verband uitgelegd dat er bestaat tussen het ontstaan van de bacterieële gebreken en de grootte van de vochcdruppels. Dr Mulder wijst er op dat vooral in het laatste stadium van de kneding niet te traag mag gewerkt worden om te be letten dat de kleine waterdruppeltjes zich opnieuw tot grote druppels zouden verzamelen. Daarna wordt de invloed van hrt wassen van de boter op het ontstaan van gr breken besproken waar bij ook aangestipt wordt dat voedersma ken practisch door het wassen niet kun nen verwijderd worden, maar daarente gen wel een deel van de aromastoffen. Dat bij een goede boterbereiding het wassen feitelijk overbodig is, was het besluit van deze zeer leerrijke en aan dachtig beluisterde spreekbeurt. Hierna kwam de heer Ing. De Baere Directeur der Rijkszuivelschool nogmaals aan het woord om de ontwikkeling van de techniek der boterbereiding in België te schetsen. De evolutie heeft naast ar beidsbesparing en meer hygiënische be wegingsmogelijkheden het ook mogelijk gemaakt meer gelijkmatigheid bij oe fa bricage te bekomen. Als meest treffende wijzigingen zijn volgens spreker de roestvrije metalen karn en de roomrijpingstoestellen met binnenkoeling te vernoemen. Het vet gehalte van de room. de temperamur d» t roompasteurisatie, gevolgd di or opene koeling, en de karntechoiek zijn zoveel factoren die h»-t kwalitatief en het kwan titatief rendement biiuvloeden. De nadruk wordt vooral gelegd op de nood zakelijkheid van een dagelijkse en ver antwoorde bediijfscont e in alle s adia der bewerking. Door betere g oudstof fen, langs meer rationele bedrijfsmetho- den naar steeds betere kwaliteit is de veilige uitweg om de voornaamste van alle voedingsvetten afdoende te be schermen. Teaslotte werden de toehoorders door de heer Tulkens, praeses der Zuivelstu- dentengrof perirg uitgenodigd tot een ontvangst op zuivel verfrissingen aange boden door de Zuivelstudentergroepe- riog, in de receptie zalen der Rijksland bouwhogeschool. Deze vergasting viel zeer in de smaak van de talrijke aanwe zigen die hierbij een gelegenheid vonden om ruttig van gedachten te wisselen. Deze welgelukte sudirdag die in het teken stond van de verbetering van de boterfabricage in België werd reeds in de voormiddag ingezet met een didac tische boterkeuring onder het geleide van de keuimeesters van de Nationale Zuiveldienst. In de Laboratoria der Rijkszuivel school werd eveneens een aanschouwe lijke voorstelling gegeven van de tech- Diek van het kwaliteitsonderzoek van de boterende bedrijfscontiöle der indus triële boterbeieiding. Deze demonstratie werd door een zeer talrijk en belang stellend publi-k gevolgd. 1«V/1 1-Lille linnenkassen steeds het speciaal product om motten te verdrijven. Geen onaangename reuk meer. Beschikbaar in al onze ma gazijnen. Door het Opzoekingsstation van Gorsem wo'den ons volgende waar schuwingen medegedeeld Appelzaagwesp (Hcplocampa Tesiudinea KL) Op dit ogenblik ontdekken wij de eerste eieren van de appelzaagwesp. Het meest gr schikte ogenblik om in te grijpen is wanneerde eerste ontluikingen zich voordoen. Wij zullen U op dat ogenblik een waarschuwing sturen. (Bryobia praetiosa K De schade veroorzaakt door de Rode spin, Metatetrarycbus ulmi K is gekend door praktisch alle fruitkwekers. Naast deze soort is er een andere, namelijk Bryobia praetiosa, welke nagenoeg dezelfde schade aanricht. De laatste soort spin is minder goed gekend, en komt praktisch in alle hoogstamboomgaarden voor ook in vele laagstambedrijven kan men ze in massa vinden. Alle leefbare wintereieren zijn thans ontloken. Wij raden U aan dringend te spuiten met fosforesters. Perenzaagwesp. (Hoplocampa brevis L.) Op dit ogenblik ontdekken wij de allereerste ontluikingen van deze parasiet. In de aanplantingen waar verleden jaar vele zaagwrspen voorkwamen wer den opnieuw vele eieren afgelegd. Wij raden U dan ook aan onmiddel lijk een behandeling door te voeren. Appelspinselmot. (Hyponomeuta Malinella F.) De in koloniën levende rupsen van deze pe rasiet, hebben de laatste jaren enorme schade veroorzaakt, bij tonder in minder goed verzorgde boomgaarden. De rupsen hebben hun winterschuil- plaatsen verlaten en bevinden zich thaDS in de bladeren, waar ze enkele dagen zullen veitoeven. Deze eerste schade wordt minder opgemerkt. Nadien begin nen ze met het sa merspinnen der blade ren en het vervaardigen van de goed gekende nesten waarin ze moeilijk te bestrijden zijn. Wij raden derhalve aan, zo snel mogelijk een b'spuiting uit te voeren met fosforesters teneinde de rupsen in de bladeren te doden. Houtkeverschade. De laatste jaren werd in verschillende perzikboomgaarden houtkever schade vastgesteld. Thans werden reeas de keveis op bomen waargeromen. Deze zullen weldra hun eieren afleggen. Als bestrijding raden we aan een tweetal b* handelingen uit te voeren met een mengsel van ft sfortsters (E. 605j en D.D.T. op de stammen en dé gesteltak- ken. De concentratie wordt bij voorkeur verdubbeld. De tweede behandeling wordt een veertiental dagen na de eerste nitgevoerd. Hagelschotziekte. (Coiycctun Beyerinckie) Er bestaat thans gevaar dat de bla deren van de steenfruitsoorten in erge mate kunnen besmet worden door de sporen van de Hagelschotziekte. Wij raden ten stelligste aan hiertegen een brh«ndeliog uit te voeren met een T.M.T.D. produkt. Pruimenzaagwespen. In ons land bestaan twee soorten pruimenzaagwespen de gele Homplo- campa fl.va L. en de zwarte Homplo- Catripa mu uta Sca. Bepaalde aanplantingen worden aan getast docr de ere of de andere of de twee terzelfdertijd. De volwassen insec ten zijn kleine wespen welke gedurende de bloei der pruimenbomen hun eitj*s in de bloemen afleggen. Na enige dagen ontluiken de larven en dringen in de jonge vruchten. Inzake bestrijding is het dus van kapitaal belang de larven te do den cp het ogenblik dat ze in de vrucht dringen. Wij raden aan onmiddellijk een be handeling door te voeren met fosfoor- esters. Witziekte op Appel. [Podosphaera leucotricha (Ev. en EU.) Salm], Onmiddellijk na ontvangst van deze waarschuwing dient een behandeling doorgevoerd te worden tenminste op de gevoelige variëteiten. Men zal gebruik maken van een goede spuitzwavel. Aanvullende nota De Appelzaagwesp. (Hoplocampa testudinea L.) Men weet dat het wijfje in volle bloei haar eieren afzet in het vruthtbeginsel, juist onder de kroonbladeren. Een twaalf tal dagen later ontluiken de jonge larven die onmiddellijk in de pas gevormde vructaten dringen. Elke larve vernietigt achtereenvolgens 4 appels hierdoor is de schade gewoon lijk zeer aanzienlijk, bijzonder in laag- s t amaan plan tiD gen. De behandeling moet geschieden hetzij met HCH op het ogenblik van het ont luiken der jonge larven, hetzij met fos foresters. Dit laatste produkt bezit name lijk de eigenschap de larven te doden welke reeds in de vruchten zijn binnen gedrongen. Aangrzien de aantasting zich zeer onregelmatig voordoet van aanplanting tot aanplanting, en daar de juiste datum waarop dient gespoten, eveneens van boomgaard tot boomgaard kan verschil len, raden wij U aan, het vruchtbeginsel der bloemen nauwkeurig te onderzoe ken wanneer U een kleine opening opmerkt waaruit een druppeltje bruin vocht vloeit, wijst dit erop dat aldaar een eitje afgezet werd. I it onderzoek zal geschieden op gevoeli e variëteiten zoals Laxton Superb, Wealthy, Yel low, enz... Wij zullen U waarschuwen van de datum waarop onze oiensten de eerste eieren ontdekt hebben. Wanneer U dan de volgende dagen (of indien LI de vorige jaren reeds schade ondervondt) door het keuren van een zeker aantal bloemen de parasiet opmerkt, moet U zich klaar houden om te spuiten. Wij zullen U waarschuwen wanneer wij de eerste ontluikingen van de larven waarnemen. Op Donderdag 1 7 Juni (H. Sacra- mensday) te 13 uur, 4de Provirciale Rundveeprijskamp, toegankelijk van AL de dieren van Oost-Vlaanderen inge schreven in het Stamboek. 75.000 fr. prijzen. Voor programma zie maandblad u Ons Vee van 25 Mei e k. Dan moet U ons speciaal kalvermeel gebruiken. Het is een volledig voeder welke de groei en ontwikkeling der jongt dieren verzekert eD bevordert. Nadien voedert men ons jon gver meel. Zie de gebruikswijze in iedere zak.

Digitaal krantenarchief - Stadsarchief Aalst

De Koornbloem | 1954 | | pagina 3