dere personen, een bureel of studie elders te
houden dan in zijne residentie. Elke overtreding
van hel voorgaande paragraaf zal gestraft wor
den met eene hoele van 100 tot 1000 fr, behal
ve de schadeloosstelling.
p Wanneer er hcrvalling bestaat zal de recht
bank beslissen tuss^hen de opschorsing van drij
maanden of het afstellen van den notaris.
Art. 2. De notaris zal zijn ambt uitoefenen
in hei rechterlijk arrondissement zijner residen
tie.
Art. 3. De notarieele akten zullen gelegali
seerd worden, wanneer men er zich builen de
provincie zal van bedienen, door den voorzitter
van eersten aanleg of door den vrederechter van
het kanton der residentie van den notaris, wel
ke den akt of de expeditie afgeleverd heelt, vol
gens de bepalingen der wet van 11 Mei 1800.
Art. 4. De werktijd bij eenen notaris zal
zijn vier gansche en niet onderbroken jaren,
waarvan een der twee laafsien als eerste klerk.
Art. 5. De tegenwoordige wel zal verplich
tend zijn te rekenen van 1 Januari 1876.
Het jaarboekje ran Zetternamskring roor 18 73 is on
langs verschenen en bevat keurige stuks, welke niet
zonder vrucht zullen gelezen worden dichtstukjes
met ziel en gloed gedacht en geschreven en prosa-
stukken, zooals novellen en kunstgewrochten, die
op geest en hart aanspraak maken en met gretig
heid zullen onthaald worden. Zullen de schrijvers
van dit zoo belangrijk bundeltje ons niet ten kwa
de duiden of ons als roovers van andermans werk
niet met den vinger aanwijzen,om dat wij hem het
volgende uittreksel ontlccneii, ten einde onze le
zers eens met den warentoestanddes Noord-Neder-
landschen boekhandels bekend te maken.Moesten
zij ons zelfs hunne kacrt sturen, nog zouden wij
ons zoet ontw erp geen vaarwel kunnen zeggen.
Iets over den Noord-Ncdcrlandschcn
bockhandel.
Dat de landen, waar vrij onderzoeken volle
gewetensvrijheid heerscht. verre in beschaving
en geestesontwikkeling diegene vooruit zijn
waar beide vrijheden onder den domper ver
smacht liggen, hoeft niet meer ie worden bewe
zen. want, zegt liet spreekwoord.boe nader Ro
me, boe grooter Geus; met evenveel grond kan
men vaststellen, dat hel peil der beschaving van
een volk af te melen is naar den meerderen of
minderen graad van verslaafdheid aan Rome's
verderfelijken invloed.
Onder de landen, die in geestesontwikkeling
en beschaving bovenaan slaan, bekleedt Noord-
Nederland eene eervolle plaats.
In dit weinig uitgestrekte land heerscht eene
beweging op intellectueel gebied, waarvan maar
weinig voorbeelden in Europa te vinden zijn.
Niet alleen de inheemsche schrijvers zien er
hunne werken door de drukpers den volke me
degedeeld, maar van al wat de vreemde druk
pers merkwaardigs oplevert, zoowel op roman
tisch als op wetenschappelijk gebied, ziet in de
meeste gevallen, gelijktijdig met de oorspronke
lijke uitgave, eene vertaling het licht.
Van den boekhandel in dit land stel ik mij
voor een kort overzicht te geven, en aan te too-
nen wat hij is en wat hij bij ons zou geworden
zijn, hadden de Waalsche elementen van ons
land niet hand aan hand met de paapsche sa
mengespannen.om de ongelukkige scheuring van
-1830 te bewerken; ik wil eindelijk de redenen
opzoeken, waarom hij misschien nooit in onze
provinciën het bloeipunt zal bereiken, lot het
welk hij bij onze Noorderbroeders geklommen
is.
De eerste,volgens mij niet dc geringste reden,
is te vinden in het familieleven. In Noord-Ne
derland, vooral op den builen en in de kleinste
steden, bestaan nog dc oude vlaamsche zeden.
Daar vereenigen zich nog 's avonds rond den
haard de leden der familie, en wordt nog of ee
ne voorlezing uit den bijbel of eene uit de
nieuwst verschenen werken gedaan. Hier bij ons
is, helaas die oude goede gewoonte grooten-
deels of geheel verloren gegaan. Eens de dagc-
lijkschö taak volbracht, zoekt de vermoeide
werker meestal den weg naar de kroeg, waar
hij, in plaats van geestesvoedsel, lichaams- en
gcestesverderf vindt.
De tweede reden ligt hoofdzakelijk in de on
verdraagzame dweepzucht van de katholijke
geestelijkheid. Ginds in 't Noorden, vrij onder
zoek; hier in 'l Zuiden, blinde onderwerping
aan alles wal de pastoor of zijn helper voor
houdt.
In Noord-Nederland bestaan in elke gemeen
te, eene of meer vereenigingen van 13 tot 20 le
den, welke wekelijks eenige eenten ineenge-
meen fonds storten. Bij middel van dit fonds,
worden de nieuwste wetenschappelijke of ro
mantische werken aangekocht. Hebben al de le
den beurtelings de werken gelezen, dan worden
deze hetzij in openbare veiling, hetzij onder de
leden verkocht; de opbrengst der verkooping
komt terug in de kas en dient om het aankoop
fonds te versterken. De uitgever die een roman
tisch of populair wetenschappelijk werk de we
reld in zenden wil, mag dus op een zeker debiet
rekenen.
Hier ten lande is het geheel anders gesteld.
Beproeft iemand van goeden wil op den buiten
eenen kring van lezers te vormen, dan moet hij
vooreerst de goedkeuring van M. den deken of
van M. den pastoor inwinnen.En dat deze goed
keuring of wel met tegenzin gegeven wordt
wanneer men zeniet kan weigeren, ol geweigerd
wordt daar, waar de invloed dier beeren zulks
toelaat, is voor niemand een geheim. In het eei-
sle geval zullen ten andere geene yevaariijhe
(lees leerrijke) boeken aangekocht worden, al
leen deze met het verstompende Imprimatur
bestempeld, hebben toegang tot de boekerij.
Kan de geestelijkheid in dien zin niets ver
krijgen namelijk in die gemeenten waar de
meerderheid niet geheel en al aan den band ligt,
dan zal zij door slinksche middelen het leesge
zeischap trachten te ondermijnen zij zal, of
wel eenen harcr zendelingen lid der vereeniging
laten worden;deze zal stillckens aan tweedracht
zaaien, en dan, vaaiwel boekerij Of wel, zij
zal van op den stoel der waarheid tegen de ver
eeniging donderen en de vreesachtigen weerhou
den er deel van te maken. De pastoors eener ge
meente van Oost-Vlaanderen bulderde hel im
mers van zijnen preekstoel uit: «Liever in mijne
gemeente een huis van ontucht daneene volks
bibliotheek; geen tast slechts het lichaam aan
terwijl deze de ziel doodt
Meer dan één voorbeeld zou ik kunnen aanha
len van kleine, vroeger op den huilen bloeiende
leesgezelschappen, die nu, dank aan alle soorten
van oneerlijke dwangmiddelen verdwenen zijn.
Eene derde reden ligt in hel verdringen onzer
krachtige moedertaal, de eenige dijk tegen ver
bastering, door die lieve welluidende franscbe
taal. In 't Noorden lager- middelbaar- en hoo-
gcr onderwijs uitsluitend in 'l Nederlandsch
bier hoe langer hoe meer wordt dit zelfde on
derwijs op franschen leest geschoeid; en met de
fransche taal komen de franscbe zeden, met al
hunnen verderfelijken invloed, het oude vlaam
sche leven verdringen. [Vervolg nadien.j
KRONIJK DER MIRAKELS.
Onder de talrijke mirakels, die heden alom
zoo weelderig bloeien, zijn er geene, die meer
ophef hebben gemaakt en misschien talrijkere
geloovigen hebben gevonden dan degene ver
richt door de zoogenaamde kruis won ddragen-
den. Het gaat zoo verre, dat ernstige weten
schappelijke corpsen, als bij voorbeeld de Bel
gische Academie, zich thans onledig houden
met de te onderzoeken uit welke ware ziekte en
uit welke deugenieterijen dit bijzonder slach
van mirakels bestaat.
Welnu wij willen eens een blik werpen in
de geschiedenis van eene dier kruiswonddra-
gende heiligen, om te lecrcn in hoeverre de
geestdrift, die onze kwezelsbladen nog voort
durend voor die mirakels gevoelen, gewettigd of
ongewettigd is. Zeggen wij vooraf en dringen
wij er hierop aan, dal wij geene andere dan
authentieke bescheiden zullen raadplegen, wel
ke wij dan ook zorgvuldiglijk aanhalen.
Maria Bergadieu. gekend onder den naam
van Berguille, is geboren in 1829,is gehuw den
woont te Fontei, departement der Gironde
(Frankrijk).
Haar bovennatuurlijke toestand is begonnen
op 27 April 1873 en is besebreven geworden
in een zeker getal brochuren, waaronder wij
kennen Un mot sur la voyante de de Fontet
uitgegeven te Bazas Lettres sur la voyante
de Fontetpar M. V. de Portets uitgegeven in
Agen Berguille et Louise Lateauétude com
parative, par Chaucbal-Larsenal (te Parijs); La
résutrection de la France et le chatiment de la
Prusseannoncés par Marie en Alsaee et a Fon
tet (te Parijs
Berguille beeft het geluk (men noemt dal zoo)
van uitverkozen te zijn geweest door O. L.
Vrouw om, tot verheerlijking van dezer zoon
en lot gedenkenis van Christus' marteldood, aan
eene langdurige en geheimzinnige ziekte te lij
den. Tot vergelding, geniet zij het onschatbare
voorrecht de bezoeken der heilige Maagd te ont
vangen en met dezer confidenliën te worden
vereerd. In die Confidenliën spelt Maria haar de
toekomst voor. doch hare voorzeggingen betref
fen vooral de staatkundige gebeurteniasen.
Toen in 1873 de gelukkige Berguille de eer
ste bezoeken van Maria ontving, voorspelde
deze wat haar in 1874 gebeuren zou die voor
spellingen zijn opgeteekend geworden in eenige
der bovengemelde brochuren, en daar wij he
den reeds in 1873 zijn, zal hel ons veroorloofd,
en gemakkelijk zijn na le zien of die voorspel
lingen zich hebben verwezenlijkt. Wij zullen
desdoende ook instaat gesteld zijn met kennis
van zaken, een vonnis te vellen over den geliee-
Ien boel van wonderdadige feiten, die ons uit
Fontet zijn verhaald geworden.
Den 14 Mei 1873, zegt de schrijver van Un
mot sur la voyante de Fontetverscheen de
heilige Maagd aan Berguille en verzekerde haar
dat er weldra eene goede verandering komen
zou in den droeven politieken toestand van
Frankrijk. Zij voegde er bij Welhaast zult
gij een koning hebben.»
Den 26 Juli 1873, andere verschijning van
Maria, die ditmaal zich klaarder 'ui.urukt en
verzekert dat de aanstaande koning Henri V za1
zijn.
Den 11 September 1873, zoo verhaalt de
schrijver der Lettres sur la voyante de Fontet
verschijnt de heilige Maagd aan Berguille voor
d.c twintigste maal en, sprekende van Henri V,
zegt zij dat hij komen zal, niet door den wil
der menschen, maar door de hand van God.»
In de verschijningen van 30 October, 13, 21
en 23 November en 8 December van het zelfde
jaar, vernieuwt Maria de aankondiging van de
aanstaande troonbestijging van Henri V.
In hare verschijning van 19 Juni 1874. zegde
zij dat Henri V gedurende het jaar 1874 den
troon zou bestijgen.»
De voorspelling was, zooals men ziet, eenigs-
zins gewaagd en schijnt zich overigens nooit,
meer dan in 1874, le moeten verwezenlijken.
Maar er is meer. Op 2 Februari 1874
verzekerde de heilige Maagd aan Berguille dat
de Paus gedurende het jaar 1874, het begin
van de zegepraal der Kerk zou zien.»
Volgens den schrijver der Lettres sur la voy
ante de Fontetwerd Berguille daaromtrent
volgendewijze ondervraagd door M. J. Edouard
Geneste, ridder der orde van Sint-Gregorius
den Groote en oud-secretaris van den gouver
neur van Ancöne
Door wie zal de Paus de zegepraal der
Kerk zien bewerken
Door Henri V.
Zoodat zulks doet veronderstellen dat de
zegepraal van Henri V, dengene van den Heili
gen Vader zal voorafgaan, in 1874
Ja, mijnheer.
Heeft de heilige Maagd u niet gesproken
van den onmiddelijken opvolger van Pius IX
Ja, mijnbeer, zij heeft mij gezegd dal hij